maandag 18 februari 2008

een gewone dag


Ik ben Fie, en exact 23 jaar geleden kwam ik ter wereld. Ik verjaar dus, en voor het eerst vind ik dat een onbelangrijk feit. Ik ben Fie, en ik ben nogal labiel, altijd al geweest eigenlijk. Ja, ik zit in een dip, alweer, nog steeds... Ik ga er niet verder over zeveren, want dat interesseert je niet (en terecht). Nee, ik schrijf een brief!

Hoi,

Blijkbaar ben je boos op me, dat weet ik wel zeker sinds ik je zaterdag tegenkwam. Ik kan zelfs raden waarom. Is het omdat ik je laatst zei dat ik terug een relatie heb? Dat was inderdaad een stomme, ondoordachte zin. Echter, hij is gezegd geweest. Of is het toch nog wat anders? Vind je dat ik van je profiteer? Dat ik je enkel zie staan als ik je nodig heb? Is het omdat jij twee flessen wijn betaalde, en ik slechts twee pizza's?

Eerlijkheid duurt het langst, doch ik kan het je niet vertellen. Ik wil niet dat je nog meer in de war geraakt, want dat ben je, en ik tref schuld. Het was alweer een maand geleden dat ik je zag, en ik had de ingeving je die dag uit te nodigen. Ik mis je, zelfs na 7 maanden, ik mis je. In mijn hoofd bestaat er geen betere levenspartner dan jij. In mijn hoofd wil ik enkel jou. In mijn hoofd zie ik nog steeds jouw perfecte lichaam, dat niet langer aan mij toebehoort... Ik nodigde je uit, en ik verwachtte overweldigd te worden door dat gevoel dat al zo lang geleden verdween. Dat verwachtte ik, maar het gevoel was er wederom niet. Is het omdat we behoorlijk afstandelijk met elkaar omgaan? Geen knuffels, sinds ik je die ene keer afwees, geen strelingen, geen prikkels. Jij jouw plaats, ik de mijne, met voldoende afstand, zodat we elkaar zeker niet hoeven aan te raken.

Ach, in mijn hoofd... Ik geloof nog steeds dat je me kan terugkrijgen, ALS je vecht. En vechten, dat doe jij niet. Jij bent geen vechtersbaas. Ik heb gevochten, maandenlang, ik heb vaak gezegd dat het niet goed ging tussen ons. Jij vond dat alles in orde was, en toen liep het fout. Toen wilde je plots wél werken, want liefde is een werkwoord. Voor mij was het toen al te laat, ik had voldoende gegeven. Zucht...

Tranen, om jou, dagelijks tranen. Het was een bittere pil zaterdag. Je stond daar met een meisje, je praatte met haar en leek je te amuseren. Ik kon mezelf niet overtuigen van het feit dat ik knapper ben... Ik zag alleen nog jouw lach, die zij op jouw gezicht had getoverd. Het komt wel goed, zoals ik je veel te dronken via sms liet weten. De vriendschap is voorbij, ik leg er mij bij neer...ooit...

Geen opmerkingen: