maandag 9 september 2024

op onzen berg

 

Hoelang het al kriebelt om dit te komen schrijven! Ter plaatse wilde ik het eigenlijk schrijven. Maar aangezien ik enkel mijn gsm mee had en zo...cheapo, moustache die ik ben. Dus ik voel dat het me wel wat moeite kost nu. Ik ben niet meer in die vibe, temeer omdat deze laptop alweer een uur nodig had om opgestart te geraken. 

We brachten deze zomer drie weken op onzen berg door. Onzen berg. Neen. 't Is niet de onze. Wij zijn niet alleen daar. Zelfs wij met onze groep, ons dorp, zijn niet alleen daar. Maar toch voelt het als onzen berg. Onzen berg. De eenvoud. De rust. De rust vooral. Het heeft me even gekost om mezelf aan te passen. Of dat door de hormonen kwam, de vermoeidheid of iets anders, weet ik niet. Het maakt ook niet (meer) uit.

Ik vond er rust, echte rust. Boek lezen, chillen, gewoon zijn. En natuurlijk blijft het vakantie. En dat zal het niet altijd kunnen zijn. Dat weet ik. Dat was de onrust. Ik was er voor langere tijd om te voelen hoe dat was. Om te voelen of ik op die berg kon aarden. Maar het was ook vakantie. Het was ook tijd om op te laden. Op te laden voor wat kwam. 

Er is toch iets mis. Op onzen berg is het leven simpel en toch ook niet. Simpel omdat alles wat niet goed loopt, onze eigen schuld is. Min of meer. We kiezen ervoor om daar te zijn. We willen onafhankelijk zijn. Ik kies voor een simpeler leven. Dus als we beseffen dat we niet kunnen beginnen koken omdat de afwas nog niet gedaan is, is dat onze eigen schuld. Simpel. We hebben het zelf in de hand.

Simplified. Want ook voor andere punten geldt dit. Geen water? Oplossen! Geen stroom? Oplossen! Dus wat ik hier aanhaal, is nog heel klein. Neen, het zal niet simpel zijn. Het is niet simpel. Maar je hebt wel je eigen leven in de hand. Je hebt je dagelijks leven in de hand. Je kiest zelf wat je doet, wanneer je het doet, en jij alleen draagt de gevolgen van wat je doet.

En dát is een heel groot verschil van hoe mijn leven hier eruit ziet. Hier neem ik een nieuwe functie op mij zonder daar goed en wel over na te denken. En werk ik mezelf bijna kapot nog voor het schooljaar begint. In die nieuwe functie presteerde ik al één derde van mijn uren voor een heel schooljaar. Maar daar beloont niemand me voor. Niemand. Ik heb er ook niks aan.
Ik heb er niks aan.  

Het ziet er naar uit dat ik 'het doel' even uit het oog verloren was. Ik ken het ook even niet, in alle eerlijkheid. Is het onzen berg? Op de lange termijn misschien. Onzen berg is ons exitplan. En het voelt goed daaraan te werken. Dat zeker. Tijdelijke veiligheid wanneer het nodig is. Tijdelijke rust. 

Tijdelijk. Want als het oorlog wordt, gaat onzen berg vroeg of laat ook niet meer veilig zijn. Is er dan nog een exitplan nodig? 't Is de eerste keer dat ik daar werkelijk over nadenk. Honduras? Een optie. Panamá kan ook, met de contacten die we nu hebben, op onzen berg. Oké, dat lost zichzelf wel op. Laat ons beginnen met eerst weggaan uit België. Weggaan uit Europa kan later nog. Denk ik.

Ik zit hier naar die playlist te luisteren die ik het voorbije jaar of zo opzet wanneer ik schrijf. Hij leidt me af. Tijd voor een update, waarschijnlijk. Maar zoveel te doen... Zoveel te doen dat mij niet vooruit helpt. Chris en ik hebben er wel eens discussies over. Werken doe je voor geld. Waarom dan zo hard werken voor zo weinig geld? 

Klopt. Of ik nu minder of meer uren werk, dat loon ligt er. Klopt. Maar zo zit ik niet in elkaar. Ik wil mijn werk goed doen. Maar ten koste van wat? Leven van mijn dansschool is zeker nog niet aan de orde. En dan is het leven van, niet rijk worden van. Maar rijk worden ga ik ook niet van deze job die me leegzuigt. Pfff....

En dan zie je onzen berg. Onzen berg en de trekker van het hele project. Hoe hij leeft met zijn gezin. En besef je dat het ook anders kan. Niet rijk. Maar misschien wel gelukkig. Ik laat het in het midden. Maar wel anders. Heel anders. En die mensen komen er ook. Die kinderen komen er ook. Die kinderen leren eigenlijk veel meer dan eender welk kind dat ik ken bij ons. Ja, het kan ook anders.

Goed of slecht, wie zal het zeggen? Alleszins is het feit dat ik de dagen aftel naar de paasvakantie, geen goed teken. De paasvakantie, dat is het moment dat ik op zoek ga gaan naar een andere job. Wat een idee. Waarom wachten tot dan? Waarom? Omdat ik loyaal ben? Omdat ik een zeker aanzien wil behouden? Omdat ik wil dat mensen me niet gaan haten?

Komaan, Fie, die mensen zijn het niet waard dan. Ja, ik houd altijd maar vast aan die enkelen. Maar waarom? Als ze me niet nemen zoals ik ben, zoals ik de wereld zie... Als ze me al hebben weggezet voor één of andere complotdenker... Waarom zou ik dan die moeite blijven doen? Waarom zou ik die energie er blijven in steken? Ja, waarom?

Zonder blad voor de mond allemaal makkelijk geschreven. Ik ken er nog die dat doen. Maar zo zit de wereld niet in mekaar. Echter, hoe dan wel? Quien sabe. Ik zit hier wat rond de pot te draaien. Tipjes van de sluier lichten en dan alles weer toedekken. De realiteit is dat de vibe al weg was wanneer ik eindelijk kon beginnen schrijven. Maar onthoud dit: op onzen berg was het aangenaam vertoeven in de zomer.
Wordt vervolgd

 

[intermezzo]

 geschreven op 7 juni, tot de laptop niet meer mee wilde

Nog zo'n patroon. Terug komen, diezelfde avond. Daarnet wist ik waarom. Nu al niet meer. Moustache en laptops van tien jaar oud...en dan is het moment alweer gepasseerd. Ik zal een poging doen. Het begon met hoe ik in mijn hoofd conversaties voer. Het zijn heus niet allemaal monologen. Het zijn vooral conversaties. Conversaties brengen me hier.

Een conversatie over hoe het allemaal voorbij is en hoe ik het hoor los te laten. De conversatie is weg. Verdwenen. Maar ik ga dan gewoon verder waar ik nu ben. De realiteit is dat het niet allemaal voorbij is. In de USA zijn er hoorzittingen met Dr. Fauci, vergelijkbaar met onze Marc Van Ranst, waar hooggeplaatsten hem terechtwijzen. Hoe hij misdaden tegen de menselijkheid beging, hoe hij achter tralies behoort of zelfs de doodstraf hoort te krijgen.

Wist je dat? Wist je dat? Natuurlijk niet. Dat is het probleem. Wij zijn blij dat Twitter X werd. X is censuurvrij, en rapporteert dagelijks over deze onderzoekscommissie. Maar niks daarover in ons nieuws natuurlijk. Soite, niet echt waarover ik wilde schrijven, maar het is alweer weg. De conversaties in mijn hoofd.

Ik maak me zorgen. Zorgen over hoe zo weinig mensen het zien. En zelfs als ze het beginnen te zien, het volgende toch weer niet gaan zien. Wat zal het zijn? Ik gok nog altijd op klimaat. Maar het kan even goed het targetten van de blanke hetero man zijn. Weet ik veel. Al dat woke gedoe is er toch echt over.

Verkiezingen.  

ik ga nu niet verder schrijven, andere topics

vrijdag 7 juni 2024

ratón gris

Va un gringo a un restaurante chino (en Honduras). Pide sopa. "Solo tenemos sopa de lata", dice la mesera. "¿Cómo así?, es un restaurante, no es posible, solo sopa de lata." ~....~ sigue la conversación  ~....~ sobre la sopa de lata. "Sí", dice la mesera del restaurante chino, "sopa de lata, la mamá del latón".

 

Deze post zit al een tijdje in mijn hoofd. De spanning bouwde zich op, de ballon werd groter, en nu moet de lucht eruit. De post bouwde op in mijn hoofd tot 'ie eruit moest. En intussen werd het meer, intussen kan ik dingen toevoegen. Zo gaat dat. Hoe komt het dat ik dan nu pas kom schrijven? Omdat de druk eerder minder hoog was. Maar ik kom vooral nu schrijven omdat ik sociaal contact nodig heb. Of sociaal zijn nodig heb. En bij gebrek aan, kom ik hier terecht. Ik denk dat dat het nieuwe ritme is.

Een aantal weken geleden kwam ik hier (in ons huis in Antwerpen) na een week bij Chris (in Rijmenam). Ik had net twee uren salsales gegeven, het schemerde al. En op weg van de garage naar de gang -in de ruimte die ik ooit tot de wasplaats doopte- viel ik over het afval. Afval uit een pmd-zak.  Nog voor het licht aan ging (bewegingssensor), wist ik " we zitten met muizen". 

Volgt er een week met veel communicatie van mij naar Chris. Volgt er een week met moedige acties langs mijn kant: muizenvallen halen, vullen, zetten, horen springen, geen muis vinden, opnieuw halen, vullen, zetten, horen springen, geen muis vinden, enzovoort... Ook vergif leggen, open en bloot, geen Saar of ander huisdier, geen kinderen, het kon. Het vergif ging goed binnen; als in: het verdween erg vlot.

Chris kwam tegen dat ik had uitgemaakt dat we mogelijk niet met muizen te maken hadden. Wel met ratten. Uhu. Nóg meer moed nodig. Een zaterdagavond ging ik dansen en Chris begeleidde me naar de auto in de garage, gewapend met zijn steekschop. Ik was nog maar half uit de garage of ik hoor * * * (tsjak tjsak tsjak of zo). Moedig. Een man. Laat ik het noemen wat het is. Een man. Want ik ben een vrouw. Punt. Voilà.

Datzelfde weekend zag ik opnieuw een rat onder onze auto. Moedig wandelde ik erlangs (als in: minder dan een halve meter van mij), reed ik de auto half buiten, en opnieuw * * *. En ook datzelfde weekend ging Chris stenen op ons (kapot) rioolputje leggen en hoorde ik opnieuw * * *. Jawel, drie dus. Drie ratten heeft 'mijne man' moedig gedood. Ne man hé. Punt. Voilà. Ik noem het zoals het is.

Sinds de stenen op het putje (en een ultrasoon geluid), geen beweging meer. Ik heb testjes uitgevoerd, met een nieuwe pmd-zak en vergif. Alles onaangeroerd. Ik ben nog niet helemaal op mijn gemak. Maar het begint te verbeteren. Het is vergelijkbaar met een melding over lage bandenspanning en ik die -lange tijd nadat het probleem opgelost werd- de bandenspanning op de boordcomputer controleert. En ook met een melding van oververhitte motor en ik die nooit nog lang rijd zonder de motortemperatuur te controleren op de boordcomputer. You get the picture.

Grijze muis. Voor de niet-Spaans-sprekenden onder ons. Dat is de titel van deze post. Grijze muis. Ik vond het mooi samengaan met het verhaal over ons ongewenst bezoek. En voor de wel-Spaans-sprekenden: goei mopke, toch? Samen met het mopje over de bomberos, de eerste mopjes die ik begreep in Honduras. Die blijven hangen hé. Dán kan je zeggen dat je de taal mee hebt.

Ik ging terug naar mijn school. Dat is oud nieuws. Lang, lang geleden leerde ik over het principe van 'grijs' zijn. Nooit echt mijn ding geweest. Wel hard geprobeerd. En bij het terugkomen, na drie jaren afwezigheid, dat kortstondig volgehouden. En dan, een aantal weken geleden
    [weet je nog, deze post zit al even in mijn hoofd]
floep ik op een moment samen met mijn team eruit dat ik wel ASV-coördinator wil zijn. Dat is coördinator van mijn team, voor de duidelijkheid. Ik floep dat eruit. Ik had een paar enthousiaste dagen, en dan lijk ik de wereld aan te kunnen. Ik wéét intussen dat die enthousiaste dagen gevolgd worden door mindere dagen (zacht uitgedrukt).

Maar toen was het al te laat. Alleszins in mijn gevoel. Ik was enthousiast geweest. De huidige co deelde mee dat hij zijn functie neerlegde. Er werd gevraagd te solliciteren met brief en cv. Ik deed dat, zeer beknopt. Als enige. Dus nu word ik de nieuwe co ASV OV3 volgend schooljaar.

En ja, ik heb veel geleerd. Ik heb veel geleerd over mezelf. Ik heb geleerd mijn grenzen beter te bewaken. Nog niet helemaal. En daar wringt het schoentje. Want ik kan het al beter, maar ik doe het nog niet goed. Ik ben ook nog niet goed. Bewijze dat ik hier kom schrijven. Die vrijdagavond. Herkenbaar momentje.

Onzekerheid. Nergens voor nodig. Want ik zal dit kunnen. Ja, het zal meer werk zijn, want ik heb me geëngageerd om meer te gaan werken. Sowieso. Los van deze functie. Inflatie. Inflatie is de hel. Ik heb het gevoeld, al lange tijd, maar nu heb ik het écht gevoeld. Sinds januari dekt mijn halftijds loon mijn lopende kosten niet meer, terwijl dat in de eerste vier maanden van het schooljaar geen probleem was. Ik kon toen zelfs nog een beetje sparen. En nu is al dat spaargeld (en meer) al op. 

En 't is niet dat ik ineens meer ging uitgeven. Neen hoor! De moustache-visie is goed ingeburgerd. Ik doe dat goed. Het leven is gewoon duur geworden. Té duur. Tijd om te emigreren. Oh, ow.... Daar komt dan mijn loyaliteit. Ik ging terug. Grijs zijn lukte niet. Ik neem meer verantwoordelijkheid. Ik ben loyaal. 

Dom natuurlijk. Ik ben vervangbaar. Iedereen is vervangbaar. Maar door mijn onzekerheid ga ik dit niet uit de weg. Dát is het. Onzekerheid, angst. Alles is terug te brengen tot angst. Terwijl ik weet dat ik dit kan. Natuurlijk kan ik dit. Maar ik maak me wel zorgen over de gevolgen. Grijs zijn was zoveel slimmer geweest.

Ik ben wel slim. Of slim genoeg. Weet ik veel. Maar ik ben soms ook enthousiast en impulsief. Impulsief zeker. Recht door zee. Niet altijd door iedereen geapprecieerd. Maar niks aan te veranderen. Geprobeerd en gefaald. Of zo. Niet helemaal. Ik ben al gematigder, maar ik ben ook emotioneel en samen met enthousiasme, impulsiviteit en passie is dat een combo die geleid heeft tot mijn nieuwste functie.

Oké, genoeg erover. De post is verouderd. Ik wil het ook niet negatief maken. Maar het enthousiasme voel ik nu even niet. En dat zou vroeger anders geweest zijn. Dat is de depressie. De staart van de depressie. Dat is wat het is. Es lo que hay. Ik wil de overgang maken naar waarom ik nu kom schrijven.

Helaas is die overgang ook niet echt positief. 't Is om niet alleen te zijn. De sociale bui, zoals ik hierboven al schreef. We hadden net twee evaluatiedagen. Twee volle werkdagen. Of alleszins twee volle dagen op school. 't Is niet dat ik als halftijdse collega de hele tijd overleg heb. Maar ik hoor er wel te zijn, fulltime, net als die fulltime collega's. 

De twee dagen eindigden met een verplicht cafeeke. Niet dat dat erg was, ik vond dat niet erg. Maar het cafeeke is normaal na de uren, en nu begon het het laatste lesuur. Dus verplicht. Zelfkennis. Ik zet me aan de kant. Rustig op een stoel, babbelend met collega's met wie ik een zekere band en connectie heb. Aan de kant, omdat dat minder afleiding en prikkels geeft. Minder, het is niet weg. 

Vroeger was ik altijd degene die bleef plakken tot het einde. Naast Geert, met Geert. Mijn favoriete collega. Dat zal niet veranderen. Maar naast en met hem de keet afsluiten, dat is er niet meer bij. Hoe komt dat toch? Ging ik dan altijd over mijn eigen grens vroeger? Mogelijk. Het probleem is dat ik vanavond ook over mijn eigen grens ga gaan. Alleen, in mijn zetel. Is dat dan beter? Ik weet het niet. Ja, minder prikkels, minder tot geen kans op overprikkeling. Maar toch. Het voelt wrang. (Tweede keer in deze post dat ik deze term gebruik? Ik weet het niet. De afgelopen twee dagen had ik enkele keren een wrang gevoel.)

Analyse. Wat is er veranderd?
Vroeger:
- ging ik werken met de trein, dus was alcohol drinken geen issue.
- was ik jonger. (Is dat echt een argument?)
- kende iedereen me. (Uhu - ik zit hier maar te zoeken precies)
- negeerde ik mijn eigen gevoel/grens.
- had ik nog de esperanza ergens bij te horen. (Wow, weer te eerlijk)
Nu:
- ben ik moe, waardoor ik met de auto ga werken want dat kost waarschijnlijk minder tijd.
- voel ik nog meer aan hoe en wat. (Moeilijk uit te leggen, ik voel gewoon dingen)
- lijk ik onzekerder.
- zit ik in mijn schulp. Mezelf tonen ... lastig .....
- tracht ik te doen wat goed is voor mij, voor mezelf. En is dat blijven plakken met een groep collega's met wie ik geen connectie voel? Met als verbindende factor Geert?

Geert met wie ik niet meer die relatie heb. Laat ik eerlijk zijn. De dingen gewoon benoemen. Wij hebben die relatie niet meer. Zoals zovele relaties ging die om zeep in die drie kutjaren. Ik noem het zoals het is. Die drie kutjaren deden zoveel kapot. Damn. Nu ben ik hier weer. Maar zo voelt het voor mij.

De mensen die nog wel in mijn leven zijn op min of meer dezelfde manier, hanteerden het motto 'leven en laten leven'. Er zijn mensen, zoals Geert, aan wie ik me vast probeer te houden. Er zijn er nog hoor. Maar hem heb ik vernoemd en hij is de enige die me nu voor de geest komt. Want het is vrijdagavond, ik zit hier, alleen, in mijn zetel, met alweer dat strijdlied. Helemaal geen strijdlied. Maar het lied dat me zo'n deugd deed tijdens de betogingen. Het deed deugd, maar het bracht me niks. Op de lange termijn. Want hier zit ik.

Als er iets is dat ik leerde in die hele periode, is dat de toekomst onvoorspelbaar en onzeker is. Wat ik hoorde te leren, is mijn emoties toelaten. Ik probeer dat, maar door al te snel verder te typen, slik ik ze toch weer in. In ieder geval, de toekomst kennen we niet. We proberen er het beste van te maken. 

Ik keek er nog niet echt naar uit, naar de zomer. De vakantie. Het was allemaal eender. Chris leeft er al maandenlang naartoe. Sinds hij terug is van Penadexo, eigenlijk. Van 'onzen berg', zoals ik het soms noem. Nu het allemaal wat dichterbij komt, begin ik toch ook af te tellen. Ik begin er naar uit te kijken. In onze tent op onzen berg.  

Want het blijft ons exitplan. Het exitplan waarvan wij geloven dat we het nodig zullen hebben. Alle loyaliteiten opzij gezet. Op dat moment kiezen we voor onszelf. Voor onszelf en de gelijkgestemden. Misschien deden we dat wat weinig in de voorbije vier jaren. Andere wakkeren kwamen vol energie uit deze periode. Maar ik niet. Ik haalde er geen nieuwe vriendschappen uit. Wel een nieuwe tandarts. Jups. Niet voor nu. Nu geen zin in.

Het wordt tijd om hier af te ronden. Al is het maar omdat ik een bericht kreeg van een voor mij onbekend nummer over mijn salsa(lessen). Damn. Nog zo'n reden waarom ik beter de grijze muis was gebleven. Ik verloor in al mijn enthousiasme even het toekomstbeeld uit het oog. Het beeld van halftijds werken (of ietske meer omdat de kosten niet gedekt bleven), mijn salsa verder uitbouwen en een vluchtweg naar Galicia.

Maar kom. Sinds deze week heb ik mijn Número de Identificación Español, waarmee ik vastgoed kán aankopen in Spanje. Weer een stapje gezet! Gek bezoek was dat, aan de Spaanse ambassade. Niet dat ik er nu nog ga over vertellen. Vraag het me maar eens, wanneer je me ziet en als je het wil weten.

 

maandag 29 april 2024

De Grote Coronastudie (nav bijwerkingen 'vaccins')

 

In de eerste maanden van de plandemie nam ik tweewekelijks deel aan de grote coronastudie. Een vragenlijst van de grote universiteiten in ons land, die peilde naar hoe we omgingen met de coronamaatregelen. Daarnaast zaten er ook telkens vragen in rond hoeveel mensen we kenden die erg ziek werden door corona en/of overleden. Mijn antwoord was telkens 0. Tot op heden ken ik één persoon die in coma heeft gelegen met corona. Die persoon was vóór 2020 niet de meest gezonde, in die zin dat ie obees was. Ik weet van overlijdens, maar die waren te verwachten. Mensen die al heel lang ziek waren, bv met multiple sclerose. En mensen die al hadden ingecheckt bij het laatste station, het wzc.

De laatste weken komen meer en meer dingen boven. Ik vraag me af waar de grote studie blijft post-corona. Als ik al alle emotie eruit laat, alle vragen mbt vertrouwen in de overheid of de who, angsten, depressieve gevoelens,...kan ik nog nuttige vragen stellen. En mijn antwoorden zijn confronterend. Durf jij eerlijk antwoorden?

1. Hoeveel mensen ken jij die in de voorbije 3 jaar plots overleden?
2. Hoeveel mensen ken jij die de afgelopen 3 jaar gezondheidsproblemen kregen waar artsen geen verklaring voor kennen?
3. Hoeveel mensen ken jij die de voorbije tijd onverwachts een hart- of herseninfarct kregen?
4. Hoeveel vrouwen ken jij die het voorbije jaar een niet-levensvatbare embryo hadden?
5. Hoeveel vrouwen ken jij die de afgelopen 3 jaar een miskraam kregen?
6. Hoeveel mensen in jouw omgeving kregen in de voorbije 3 jaar kanker?
7. Hoeveel mensen ken jij die de afgelopen 3 jaar een diagnose van epilepsie kregen?
8. Hoeveel vrouwen ken jij die heviger bloeden tijdens de menstruatie dan voor 2020?
9. Hoeveel mensen ken jij die last kregen van tinnitus, zonder dat ze blootgesteld werden aan lawaai?

Ik voel de ergernis bij sommigen. Maar echt, durf jij? Ik bijna niet. Omdat het gewoon griezelig is. Ik kan niet op elke vraag antwoorden met een getal boven nul, maar op sommige kan ik antwoorden met een getal tussen 0 en 5. En ik heb heus niet die hele lijst uit mijn duim gezogen. Bij het Nederlandse Lareb kan je een lijst van bijwerkingen raadplegen. Volgens mij is die nog braaf samengesteld en het klopt mijns inziens ook niet dat het onderzoek is afgerond. Maar kom, mensen leggen de link misschien ook niet. 

En ja, ik weet dat al die dingen voordien ook al gebeurden. Uiteraard weet ik dat. Maar ik weet ook dat ik tijdens de grote coronastudie uiteindelijk stopte met de vragenlijst in te vullen. Want week na week diende ik "niemand" aan te duiden. Niemand van mijn familie, vrienden of directe collega's werd opgenomen in het ziekenhuis of overleed tijdens die hele periode. 

Echter ken ik wel mensen die plots overleden, zonder enige aanleiding. En ik zie nog maandelijks overlijdensberichten met dat woord "plots" of "onverwacht" in. Helaas ken ik ook enkele vrouwen die zwanger bleken maar bij wie het niet tot de geboorte van een baby kwam. Allen gevaccineerd met mrna. Just saying. 

Of deze post een doel heeft? Natuurlijk! Bewustmaking. Want al deze dingen houden ze netjes uit het nieuws. Tenzij je weet waar te kijken. Maar ik maak me al lang geen illusies meer. De wakkeren zijn al lang wakker. Een deel van de schapen werd wakker het voorbije anderhalf jaar. En alle anderen zullen mij graag wegzetten als complotdenker.

Fine by me. Ik kan alleen maar zeggen dat ik blij ben dat ik niet deelnam aan het experiment. Dat ik mijn been stijf hield. Dat ik me niet liet injecteren met een onvoldoende getest "vaccin". Dat ik er zelfs trots op ben. Mijn koppigheid is dan toch ergens goed voor! Neen, ik doorzag het gewoon. En eens je het doorziet, kan je het niet meer ontzien. Mijn doel met deze post voor mezelf: gewoon ventileren. Even mijn gedachten neerschrijven.

Wij blijven verder bouwen aan onze exitstrategie. Zodat we beter voorbereid zijn bij een volgende plandemie of wat dan ook. Ik denk dat het iets rond voedseltekorten gaat zijn. Dat of klimaatlockdowns. Voor dat eerste werd in februari een simulatie gehouden. Net zoals er voor een grote pandemie een simulatie werd gehouden voor de wereld stil werd gelegd. 

Voor de duidelijkheid: ik hoop dat we mis zijn. Ik heb in het verleden goed gelachen met de preppers op tv. Maar ik begrijp ze beter nu. Ik begrijp dat mensen met mij (zullen) lachen. Doch daar kan ik niet van wakker liggen. Mijn leven is dat van mij, jouw leven dat van jou. We doen allemaal wat we nodig achten. Dit is wat ik doe.

 

donderdag 4 april 2024

umami

 

De vijfde smaak.  Naast bitter, zoet, zout en zuur ontdekte men enkele jaren geleden umami. Zelf heb ik het nog maar recent geproefd. Geen fan. Ik ben er geen fan van. Maar toch consumeer ik het. Met toevoeging van andere smaken. Niet dat dat echt maskeert, maar net voldoende.

Waarom ik mezelf dat aandoe? Ja, dat heb ik me ook al enkele malen afgevraagd. Omdat ik geloof dat het mijn tandbot zal helen. Tandbot is geen juiste term. Anyway, ik heb permanent ontstoken tandvlees. Volgens mijn tandarts is dat deels te wijten aan een tekort aan vitamine K2. Ik denk dat ik dat hier al eens vertelde.

Ik ontdekte via Google dat natto héél véél vitamine K2 bevat. Véél méér dan eender welk ander voedingsmiddel. Dus eet ik natto. Met lange tanden. Natto is Japans en smaakt umami. Deze week testte ik toevoeging van peper en zout uit. Dat ging vrij goed. Alleszins beter dan mosterd en sojasaus, zoals de Japanners het doen.

Binnen enkele weken ga ik al terug naar de tandarts. Vooral om te zien of het innemen van celzouten effect heeft. Ja, dat doe ik ook. Maar daarnaast probeer ik dus dingen toe te voegen aan mijn dieet, in het geloof dat dat voor een klein mirakel gaat zorgen. Dat en erop vertrouwen dat alles dat in mijn leven gebeurt, juist is.

Ik ben ziek. Een keelontsteking, intussen een verkoudheid. Ik heb nooit beweerd dat ik niet meer ziek kon worden. Wel dat ik opvallend minder snel ziek word dan sommige anderen en er ook sneller weer doorkom. Niet vergeten dat ik geen medicatie neem! Dus genezen duurt bij mij sowieso iets langer, want ik ziek gewoon uit. Met thee, extra kleren en af en toe een rummeke. En veel rust.

Vorige donderdag begon het met keelpijn. Ik ging nog twee (lange) dagen werken. Dan nam ik vier dagen rust, véél rust. Ik sliep ook enkele nachten 11 uren. Het was nodig. Gisterenavond ging ik dansen. Want ik was het binnen zitten en niks doen echt beu. En nu komt het. Die stomme corona-erfenis. Dat permanent schuldgevoel dat zo hard blijft hangen. 

Want er zijn mensen die het onverantwoord vinden dat ik ga dansen wanneer ik nog niet helemaal genezen ben. Ze vinden het egoïstisch. En waarschijnlijk hebben ze gelijk ook. Maar jeezes, zouden ze dat vijf jaar geleden ook gevonden hebben? Ik geloof oprecht van niet. Net als dat ik geloof dat ziek worden binnenin zit. Ik werd ziek vlak voor een schoolvakantie. Dat heb ik wel vaker. Ik ga te diep, ik werk te hard, mijn weerstand verzwakt, mijn lichaam zegt 'stop'. 

In mijn hoofd speelt zich veel af met betrekking tot die mensen die me zo'n verwijten maken. Dat het hun eigen onzekerheid is, hun eigen angst, hun eigen (onbewuste) kennis dat ze niet stevig genoeg in hun schoenen staan om mijn bacteriën af te weren. En ik geloof dat ook. Doch, helaas overheerst toch het negatieve gevoel waarmee ze me achter laten. Het gevoel dat ik een slecht mens ben. Het gevoel dat ik het verdien om me voor de rest eenzaam en alleen te voelen. Kuterfenis. Echt.

Want al bij al gaat het redelijk goed met me. Goed in de zin dat ik minder en minder pyjamadagen heb. Goed in de zin dat ik steeds sneller uit mindere dagen geraak. Maar diepgeworteld zit er zoveel verdriet. En die algehele droefheid voel ik ook. Ik geef er gewoon minder aan toe. 

Leuke avond gisteren. Relatief leuke namiddag ook. Er was een collega op bezoek. We praatten wat veel over school, dat wel. Dat put me uit. Zeker in de vakantie. Maar kom. We konden ook met diepgang praten over onze gevoelens met betrekking tot schoolse dingen. En die connectie voel ik dan weer wel graag.

's Avonds ging ik dansen. Normaal gezien is dansen dansen voor mij. Op zo'n feestjes babbel ik niet graag. Ik ben daar om te dansen. Maar met drie lagen kledij en een sjaal (outdoor feestje), voelde ik me minder enthousiast. Twee dansjes achter elkaar waren ook nog redelijk vermoeiend. Dus ik praatte lange tijd met een dame van onze rueda groep. Iemand die ongeveer twee jaar geleden niet spontaan een meter achteruit sprong als ze hoorde dat ik deel van de controlegroep ben. We spraken over depressie. De erfenis. Jawel.

En ik nam ook enkele malen deel aan een gesprek dat aan onze tafel plaatsvond. Mensen die ik niet kende, maar ze voerden interessante gesprekken over salsastijlen, muziek, artiesten,... En dan merk ik altijd hoe diep het zit. Want voor ik het weet ben ik aan het vertellen over mijn connectie met Nederland, en hoe die er kwam. Hoe wij verliefd werden op Nederland omdat de mensen daar wakkerder waren, opener, rustiger, minder discriminerend. 

Ja, het zit nog diep. Ik begin te denken dat het een levenslang litteken is. Net als een fysiek litteken, zal het vervagen met de tijd. Met tijd. Veel tijd. En tot die tijd zal ik erover schrijven. Ik wil niet zwijgen. Wij willen niet zwijgen. En wij bouwen verder aan onze exitroute. Zodat we sterker staan bij een volgende tirannieke actie. 

Goed, genoeg, voor nu. Vandaag blijf ik weer een dagje binnen. En morgen mogelijk ook. Deels omdat ik nog niet helemaal genezen ben en het weer niet bevorderlijk is voor een verkoudheid. Ik rust al minder. Ik heb een plan voor vandaag, en dit stond erin. Omdat ik zó de nood voelde om te komen schrijven. Hiervoor was ik aan mijn leerlijn van de salsa aan het werken. Daar ga ik seffens aan verder doen. Het wordt dringend, eigenlijk. Nog twaalf dagen voor mijn nieuwe reeksen starten! Dus muziek uitzoeken en aankopen, ook redelijk dringend. Al een deel gedaan, maar ik mis nog een drietal liedjes en ik heb ook nog niet gecontroleerd of ze effectief goed genoeg zijn. Soite.

Wel wat stress rond mijn lessen. Mensen die stoppen. Dat gebeurt. En dat heeft niet noodzakelijk met mij te maken. Maar de grootste stress is het tekort aan mannen. Leiders. Maar kom, laat ik eerlijk zijn: mannen. Want van de dames die stoppen hoorde ik dat ze de mannen missen. Het is een vrouwenclubje. 

En het past eigenlijk niet in mijn visie om mensen te 'targetten' voor hun sekse. Maar ik heb het toch al eens op facebook gepost, dat ik leiders zoek. En daar zowel mannen als vrouwen toch nog in aangesproken. Maar eerst de mannen. Niet dat dat tot hiertoe effect had. Dan toch met een promo beginnen? Korting voor de mannen? Maar dat kan je toch niet maken? Korting voor de persoon die een leider aanbrengt? Kan dat wel? 

Chris heeft me al gezegd dat hij geen fan is van kortingen, acties. Dat ik mezelf daarmee geen gunst bewijs. Maar wat als er op 16 april tien vrouwen willen starten met salsa dansen, en die allemaal willen volgen? Voor een losse les kan ik wel eens een leider of 3 optrommelen, maar niet voor een hele reeks. Vervelend.

Ook vervelend in dat opzicht dat ik zondag op vakantie vertrek. Dan moet ik het wel enkele dagen loslaten. Op zich gezond, maar toch. Ja, zondag vertrekken we voor enkele dagen naar....Nederland natuurlijk! Alweer. Alweer omgeving Veluwe. Een bungalow met een barrelsauna in de tuin. Want sauna doet me goed! Al weet ik niet of ik een barrelsauna ook leuk ga vinden. We zullen het ontdekken.

Ik mis Chris ook. Ik was sinds donderdag bij hem. Maar doordat ik ziek was, hadden we niet veel aan mekaar. En maandag kwam ik naar Antwerpen, omdat ik hier enkele afspraken had. Echt goed dat we even samen weg kunnen. Maar eerst zaterdag nog gaan dansen bij stralend weer! Als je toevallig in Antwerpen centrum bent, spits dan je oren voor vrolijke salsatunes! Want wij gaan drie flashmobs dansen tussen 15 en 16 uur, pal in het centrum. ¡Hasta la salsa! :-)

 

vrijdag 22 maart 2024

Wil ik hier zijn?

 

Nee, nee, 't is niet dat ik dat hier negatief wil beginnen. 't Is een oprechte vraag. 't Is vrijdagavond, ik heb nog niet gegeten. Wil ik dus nu hier zijn? Of kan ik beter eerst iets eten, en dan naar hier komen? Maar wat als ik dan geen zin meer heb in schrijven? En nu heb ik precies wel zin in schrijven. Lap.

Zonder voorbereiding, dat gebeurt wel vaker. Gewoon schrijven wat in me opkomt. Herlezen en dingen wissen. Dat is oké. Afgeleid worden door mijn horloge die graag mijn hartslag wil meten maar dat niet kan. Want mijn horloge doe ik uit wanneer ik blog. Dat typt aangenamer. Lap. Afleiding dus. Niet dat ik ADHD heb. Ik kan wel afgeleid zijn door dingen, maar ik kan me ook heel goed concentreren. Te goed zelfs, soms.

Ik heb mezelf veel aangeleerd. Werken met alarmpjes is echt goed voor mij. Maar eergisteren vergat ik een taakje te voorzien voor na het alarm. En dan loopt het mis. Planning is belangrijk voor mij, dat is goed voor mij. Min of meer. Damn, ik ben er al uit, precies. Gedachten gaan alle kanten uit. Daarom dat ik al een titel schreef. Daar kan ik dan naar terug grijpen om de focus te houden. Zoals mijn planningen, waar ik naar terug grijp.

Planningen ten spijt, ontspannen blijft het grote probleem. Helaas is dat deel na de hele corona-episode nog altijd niet hersteld. Het lukt me amper. Diep in mij blijft er dat gevoel dat ik dat niet verdien, dat ik het niet waard ben. De filosoof in mij denkt dan "zouden de politici dit weten". Natuurlijk weten ze dat niet. Als ze dat wisten, .... [ik ga het netjes houden, vul zelf maar aan, of niet] 

Neen, ik verdien dat niet. En dat is natuurlijk zever in pakskes. Natuurlijk verdien ik dat. Ik heb even veel recht als iemand anders om te genieten van het leven. Ik heb even veel recht op mijn plek op deze wereld. Maar het idee dat dat niet zo is, zit echt diepgeworteld. Dus blog ik op vrijdagavond. Ik blog, in plaats van iets anders te doen. Iets zoals dansen, blij zijn dat het weekend is, dingen doen om mezelf op te laden, afspreken met mensen,... Dat gaat niet. Dit is al meer dan anders. Standaard ben ik nu al tv aan het zien. Tot zondagnacht. En dan is het weer maandag en herpak ik mezelf, keer ik mezelf bijeen, ga ik door omdat dat is wat de maatschappij verwacht.

Niet dat ik zo bezig ben met wat de maatschappij verwacht. Verre van. Vandaag nog op mijn tong gebeten toen een collega sprak over leerlingen die bepaalde items uit de mainstream media niet wisten. Want in alle eerlijkheid, weet ik het ook niet. En ik leef nog! Halleluja! Ik leef nog! Zonder naar het mainstream nieuws te kijken. Zot, toch? [Uhu. Jeezes]

Ik ging woensdag naar de tandarts. Mijn nieuwe, wakkere tandarts. Wat een lieve vrouw. Depressie deed geen deugd voor mijn tanden. Coronamaatregelen deden mijn tanden geen deugd. Mijn tandarts verdween in het niets, en ik zocht geen nieuwe wegens geen mondmasker dragen [toch niet bij de tandarts...! nope, ook niet in de wachtruimte]. Drie jaar later kwam ik bij haar terecht dankzij openzorg.eu. Een forum voor de wakkeren onder ons. Just saying. Soite, lieve vrouw, zorgend. Op dezelfde golflengte ook. Doet deugd.

Nee, ik heb het verhaal niet echt afgemaakt. Maar dat hoeft niet. 't Is vrijdagavond. En dit is mijn activiteit vanavond. Dus ik mag doen wat ik wil. [Altijd hier, maar toch.] Spotify is netjes aan het doordraaien. Gebruik jij Spotify? Kijk dan af en toe eens naar mijn playlist, hé! Of haal het door Youtube. Jawel, voor ik deze post startte, paste ik de playlist nog eens aan. Want muziek blijft de rode draad. Muziek blijft erg belangrijk. Belangrijk ook om andere geluiden te dempen en de gedachtemolen te temperen. Muziek kan me wegvoeren. Bij jou ook? Zie mij seg, zo schrijven naar jou. Tsja. Nood aan sociaal contact.

Natuurlijk heb ik daar nood aan. Maar ik weet hoe ik ben. Ik weet dat ik niet meer om kan met oppervlakkigheid. Dat is iets goed dat uit de coronaperiode kwam. Ik besloot dat ik niet meer aan oppervlakkigheid ging doen. Alleen diepgang. Helaas werkt de wereld niet zo. Dat merk ik dagelijks. Ach ja. Ik werk wel zo. En ik ga geen compromissen sluiten op dat vlak. Toch niet te veel. Want dat gesprek met die collega over de actualiteit, dat duurde eigenlijk te lang. Ik voelde dat het me energie kostte. Toch bleef ik nog tien minuten in het gesprek. Ik beluisterde haar (jawel, haar) ideeën en gaf zelfs mijn mening niet. Ik kan dat heus wel. Al word ik er moe van.

Spotify is goed aan het doordraaien. Ik ben al een uurtje ver. Horita diferente. Eén van mijn playlists. Gepasseerd. En dan draait Spotify door. Tot hiertoe gaat dat goed. 

Oké, focus. Angst. Bijna alles is terug te brengen tot angst. Wanneer we iets niet doen waarvan we aanvoelen dat we het misschien willen doen, komt het vaak neer op angst. Angst voor afwijzing. Angst om misbegrepen te worden (afwijzing dus). Angst om raar bekeken te worden. Angst om afwijzing. Bijna altijd. Denk ik. Of angst om het onbekende. Maar dat onbekende kan tot afwijzing leiden. Angst om het niet aan te kunnen. Ik keek even terug naar de titel, en daar was de focus. Wil ik hier zijn? Kan ik dit aan?

Ik heb het over school. Komt het doordat ik vandaag een vraag over verlofstelsels stelde? Of is het toeval? Waarschijnlijk is het toeval. Alleszins kwam vandaag de mail voor de verlofstelsels van volgend schooljaar. En uiteraard ben ik al enkele weken bezig met dat proces lopen in mijn hoofd. Met een zekere angst. De angst van het niet aan kunnen. 

Objectief gezien, kan ik niet van een succesvolle terugkeer spreken. Denk ik. Dju toch. Angst en twijfels. Voor mijn welbevinden was het geen succes. Meestal. Ik heb regelmatig alles (en meer) gegeven. Dat betaalde ik met weekends in pyjama. Ik heb ook fijne momenten beleefd, complimenten gekregen, successen ervaren. Antwerpen plus legde de focus op het positieve, op de kleine successen, op elkaar motiveren en stimuleren. Ik paste daar wel in. Al zie ik dat zelf niet (altijd/goed). Toch zei een collega me enkele weken geleden dat het zo leuk is dat ik terug op school ben, want dat ik altijd zo'n kleine complimentjes geef en dat dat opvalt omdat dat niet in de cultuur op onze school zit. Dus ja, ik zie het zelf niet, maar ik ben wel degelijk gericht op het positieve. Bij Antwerpen plus werd ik ook de rechterhand van mijn verantwoordelijke omdat zij me letterlijk zei dat ik alles door een roze bril zag.

En toch zie ik dat zelf niet. Ik voel dat niet. Dát is het. Ik voel dat niet. Dát is het hele probleem. Ik voel het niet (meer). Ik geniet niet. Ik heb geen plezier. Neen, het is niet zo zwart-wit. Wanneer ik mezelf gemotiveerd krijg om iets te doen dat ik vroeger leuk vond, kan ik daar echt nog wel plezier aan beleven (soms). En dan vertel ik mezelf bewust op dat moment ("goed dat je dit doet, kijk eens hoe leuk"). Doch, ik kan het niet vasthouden, of zo. Het kan heel snel omslaan. Heel snel gebeurt er iets waardoor ik denk "zie je wel, je verdient het niet, je bent het niet waard".  Zo spijtig. [Denk jij misschien als lezer; Ik denk het alleszins; Ik wéét het.]

Pannekoeken - Yevgueni
Het lied dat nu speelt. Ik liet het een keer aan Chris beluisteren en zei hem dat dat ons verhaal is. Het is mijn verhaal. En dan vraag ik me af of dit leven mijn leven is, of dat van Chris? Of dat van ons? Het is dat van ons. Ik ben blij met de invloed die Chris op mij(n leven) heeft. Maar de opmerking van M (ja, jij) dat ik op mijn best ben wanneer ik reis, laat me niet los. Ben ik op mijn best wanneer ik reis? En hoe komt dat? Heb ik dan toch ADHD? Kan ik niet settelen? Volgens mij wel. Maar waarom had (/heb) ik dat reizen zo nodig?

In hoeverre is dat aangeleerd gedag? In hoeverre is dat wat de maatschappij verwacht? Want dat is wat Chris me leerde. We doen veel omdat dat verondersteld wordt. We doen veel omdat iedereen dat doet, omdat het de norm is. Ik vind waarden en normen ook belangrijk. Héél belangrijk. Lees terug, als je eraan twijfelt. Maar het is ergens ook absurd om allerlei dingen te doen omdat ze de norm zijn.

Etentjes met collega's. Je doet dat, je vindt dat leuk, of je denkt dat je dat leuk vindt. Je begint te werken, je verdient geld, dat geld hoort uitgegeven te worden. Je ziet je wat oudere collega's dat doen, dus je doet dat ook. En je vindt het leuk, omdat zij het leuk vinden. Net zoals de actualiteit volgen. De actualiteit van de openbare omroep. Want dat is de waarheid, dat is het juiste, dat is de norm.

Neen. Neen. Het kan ook anders. En nogmaals, je blijft in leven. Al ben ikzelf niet het prototype, want ik ben knokkend in leven. Ik leef, maar niet echt. Ik onderga. Sinds 15 maart 2020. Hopla. Toch nog even benoemen. Want zo is het, spijtig genoeg. Een kat een kat noemen. Een kat? Huisdieren? Dat toch weer niet?

Ik ben hier meer en meer dialogen aan het voeren in mijn hoofd. Misschien toch tijd om iets te eten. Aangezien dat pakje crackers met een blikje vis waarschijnlijk niet genoeg is voor een hele dag. Geen tussendoortjes meer. Dat ben ik verleerd. En dat is oké. Er zijn ook goede dingen. Maar het probleem van niet genieten van ontspanning, is een probleem. Dat is niet goed.

't Is niet dat ik niet probeer. Ik doe echt mijn best om het te doorbreken. Al zó lang. Ik heb de magische code nog niet gevonden. Maar de positivo in mij geeft niet op. De positivo die er blijkbaar wel is, al voel en zie ik dat zelf niet. Ik blijf volhouden. Op een dag ga ik zien dat het beter is, en ga ik terug kijken naar deze post en tegen mezelf zeggen
                 

                                    "zie je wel, het werd beter"

 

 

vrijdag 16 februari 2024

voorzetsels in verschillende talen

 

step by step

paŝon post paŝo

stap voor stap

paso a paso

 

Jaren geleden was ik in therapie bij Femke. Zij raadde me een zelfhulpboek rond burn-out en stress aan. Eén van de opdrachten in dat boek was om een lijstje te maken van dingen die je al lang wilde doen. Op mijn lijstje stond Esperanto leren. Ik had er ooit over gehoord in mijn puberteit en het had me nooit losgelaten. Het was zoiets dat ik gewoon wilde doen, zoals mijn jaar naar Honduras 

Terwijl ik het schrijf, wil ik al meteen uitweiden naar iets dat ik ook wilde doen na dat jaar Honduras. Na dat jaar waarin ik zo goed Spaans leerde, wilde ik ook graag Zweeds leren. Het idee was toen dat ik ook nog een Erasmusjaar in Zweden zou doen. Dat kon voor ik 30 werd. Het is er helaas nooit van gekomen. Ach ja. Het zit nog wel in mijn hoofd, maar dromen veranderen. Levens veranderen. En ik kan nog altijd Zweeds leren (op een andere manier). Alleen dat het me nu net niet aantrekkelijk genoeg lijkt.

Terug naar de kern. Chris was in die tijd van Femke aan het experimenteren met Duolingo. Hij was Spaans aan het leren (wat hij niet goed volhield en dat heeft hij deze week mogen ervaren, daarover later misschien meer) en ook wat Chinees. Dus ik ook naar Duolingo. Ik besloot Esperanto te leren vanuit het Spaans. Want Esperanto lijkt wel wat op Spaans (en op Nederlands, Frans, Duits, Zweeds, Russisch,...) en ik wilde niet dat met mijn Spaans hetzelfde zou gebeuren als met mijn Frans. Voor als je niet weet wat daarmee gebeurde: ik verloor het door Spaans te leren. Dus ik wilde niet dat Esperanto me mijn Spaans zou doen verliezen.

Ik rondde de volledige cursus Esperanto in Duolingo af. Ik had toen een 'streak' (racha in het Spaans) van over een jaar. En dan begon ik te herhalen. Tot ik dat beu werd. Want in alle eerlijkheid, verder dan Duolingo ging ik nooit. We hebben een esperanta klubo hier in Antwerpen, achter de hoek van waar ik vroeger woonde. Niets mee gedaan. Er zijn series online, onder andere op Youtube, in het Esperanto. Niets mee gedaan. Wat ik wel deed was tweedehands boeken zoeken in het Esperanto. Weinig succesvolle zoektocht. De paar dingen die je vindt zijn ofwel poëzieboeken ofwel collectors items strips. En die kosten geld, te veel geld voor wat ik zoek.

In mijn voorbereiding op verhuizen en verhuizen en verhuizen, besloot ik al mijn Spaanse boeken te verkopen. Die boekenkast waar ik al zolang van droomde, zou er toch niet komen. Dromen veranderen. Dus ik verkocht mijn Spaanse boeken. Wat betekent dat ik nu geen nieuwe collectie ga beginnen aanleggen van boeken in het Esperanto.

In ieder geval, ik rondde de cursus in Duolingo af. Ik verloor mijn Spaans niet, al herinner ik me momenten dat ik het woord in Esperanto gebruikte in plaats van het Spaanse. Maar over het algemeen leerde ik er zelfs meer Spaans door. Hier en daar een woord, maar toch. En dan stopte het.

Het stopte tot 657 dagen geleden. 657 dagen van oefenen zijn dat. Dat is mijn huidige racha. Je krijgt gelukkig protectores de racha, anders zou ik er niet zoveel hebben. Maar waarschijnlijk ben ik dus ongeveer twee jaar geleden opnieuw begonnen met Esperanto oefenen. Oefenen, ja, want ik rondde de cursus af. Ik heb al een paar keer overwogen om een andere taal te beginnen leren, zoals Zweeds, maar voorlopig is er toch niet genoeg drive daarvoor. Ook onvoldoende drive om meer te doen met mijn Esperanto dan Duolingo. Ach ja.

En nu, nu de echte kern. In mijn herhalen kwam ik de uitspraak paŝon post paŝo tegen. In het Spaans is dat paso a paso. In het Engels zegt men step by step. En in het Nederlands stap voor stap. Merk je het? Telkens gebruikt men andere voorzetsels. Dat is toch bijzonder?! Ik vind dat bijzonder. Bijna buitengewoon. (oeps)

In het Nederlands is wat bovenaan deze post staat:

stap bij stap

stap na stap

stap voor stap

stap naar stap

 

Het is toch gek hoe elke taal die kleine verschillen maakt?! Ik vind dat gek. Ik denk over zo'n dingen na. En ik weet dat ik niet de enige ben. Met Pat herinner ik me een gesprek over de verschillen tussen Portugees en Spaans. Vooral de woorden die de h en f vervangen: fumo-humo, falar-hablar. Dat gesprek voerden we naar aanleiding van 'ons' Galicia-verhaal. Want in Galicia spreken ze ook Gallego, wat voor ons lijkt op een combinatie van Portugees en Spaans. Het is eigenlijk "vulgar Latin", zo leert internet me. En het Portugees is daarvan afgeleid, van het vulgair Latijn dat men in Galicia sprak. Haha. Grappig. Grappig omdat het niet mijn punt was, maar tijdens het schrijven ontdekte ik dit, al surfend.

De verschillen dus. Als ik een favoriet zou kiezen, zou het het Esperanto zijn. Want al die andere zijn toch ineens wat raar. Waarom zeggen wij 'voor'? Terwijl het toch gaat over vooruit gaan, het gaat over de stap die volgt, niet over degene die we voordien zetten. En dan kan ik heel filosofisch worden en het echt gaan uitspitten. Dat de stap die we ervoor zetten ook belangrijk is, dat die heeft geleid tot de stap die we nu zetten. Ja ja, dat kan allemaal goed zijn. Maar uit die vibe ben ik uit door alle problemen voor ik kon beginnen schrijven (zie voorgaande post). Dus ik ga het hier afronden. Hou je vooral niet in om er zelf filosofisch over na te denken!

Gallego. Spaans. Frans ook. Chris heeft zijn portie de afgelopen week gehad. Hij is naar Galica geweest. Hij is nu op de terugweg. Zal nu rond Parijs zijn. Want wij vliegen niet meer, wij rijden. En ik ben niet mee, want vier dagen in de auto met maar één week vakantie, dat zag ik niet zitten. Zeker niet met mijn verjaardag dit weekend.

Maar dus ja, dat colonistas verhaal is een verhaal waar wij nog steeds mee aan schrijven. Zij op het de achtergrond. Ik noem het nu plan C. Niet dat er een plan B is. Maar ooit was het plan B en nu verdween het meer op de achtergrond. Dus ik noem het nu plan C. Hoe ik het ook noem, wij vinden het nog steeds belangrijk (genoeg).

Wij geloven nog altijd dat alle sh*t die we de afgelopen jaren meemaakten, niet het laatste in ons leven zal zijn. En wij willen iets beter voorbereid zijn deze keer. Iets beter. Een lapje grond op een berg waar ook gelijkgestemden zijn, is een stap in de goede richting. Un paso, paŝo, a step. Dus Chris is dat lapje grond gaan bekijken. 

Ik durf bijna niet, omdat ik geen polemiek wil starten. Maar dat zal niet gebeuren. Er zijn nog amper mensen die dit lezen en nog minder die reacties achterlaten. Dus, ik doe het gewoon. Vanuit de optiek dat dit mijn wereld is. Chris en ik kijken wel eens naar elkaar. We hebben de woorden niet nodig. Al spreken we ze soms wel uit. Hoe opvallend sommige dingen zijn: plotse onverwachte overlijdens, miskramen en al die mensen die wekenlang ziek zijn. Blijkbaar gaat er iets vervelends rond, zo horen wij vertellen. Een soort verkoudheid die wekenlang aanhoudt. Moeilijk om er van af te geraken.

Wij zitten er midden in, maar wij krijgen het niet. Vreemd, toch? Maar dat mogen we niet zeggen. Enkel tegen elkaar mogen we dat zeggen. En tegen andere niet-geprikten. Zij merken dat ook op. En zij lachen mee met ons. I'm sorry. We kunnen er toch beter de grap van inzien? 't Is niet echt lachen, maar toch. Het valt ons op.

Nee, we mogen er nog steeds niets van zeggen. Nu ik terug op school werk, valt het me op hoeveel mensen nog altijd blind geloven in wat ons toen verteld werd. Hoeveel mensen nog steeds geloven wat men ons nu vertelt. Zoveel mensen die nog altijd panikeren als er iets over in de media verschijnt. Maar Fie die een raam openzet omdat de CO²-meter op rood staat, dat kan niet hoor! Nog altijd kan dat niet. Vreemd. Vreemd. Vreemd. (x1000)

Ja, het heeft me gebroken. Het heeft me kapot gemaakt. Ooit ga ik misschien kunnen zeggen dat het me veranderd heeft. Dat is ook zo. Maar ik ben nog altijd diep gekwetst. De pijn is nog niet weg. Het heeft me inderdaad veranderd. Dingen waar ik vroeger van genoot, laten me nu koud. Dingen die ik vroeger leuk vond, laten me onverschillig achter. Ik tracht het positieve eruit te halen. Ik werk minder, verdien minder, en kom toch toe. Want als ik niet meer meedoe aan de rat race en als middenklasser zoveel mogelijk mijn zuurverdiende centen wil gebruiken om de wereld te zien, heb ik minder nodig. Dat is positief. 

Wat het me niet kon afpakken, was mijn liefde en passie voor salsa. Dat is een constante gebleven. Min of meer. Want doordat ik nog altijd lijd, zit ik hier op vrijdagavond te schrijven in plaats van me klaar te maken om te gaan dansen. Het lukt me soms echt niet om mezelf naar de dansvloer te krijgen. En toch blijft salsa mijn passie, mijn liefde. 

Het is nog altijd zo dat ik er honderduit kan over vertellen, urenlang. Ik geniet enigszins van de lessen die ik geef. Deze vakantie werkte ik aan mijn leerlijn voor het komende jaar. Ik ben al een heel eind ver! Ik heb ook weer 250 posters en 1000 flyers klaar liggen. Dus ik weet weer wat doen de komende weken! Laat ik met deze positieve noot maar gewoon eindigen. Goed plan.

Nee, het gaat nog niet. Eens ik de microbe te pakken heb. Ho, ik wil zoveel meer schrijven. Maar alles is geschreven. Ik heb alles geschreven en herschreven en nog eens herhaald. Mijn standpunt is duidelijk. Dat ik daar veel mensen mee verloor ook. Maar kom, bij het nalezen haalde ik een giga-schrijffout uit de vorige alinea. Ik schreef positieve nood. Freud?

 

gedempte inspiratie

 

Voor het eerst in lange tijd voelde ik me nog eens geïnspireerd om hier te komen schrijven. Helaas is er iets technisch mis. De scrollbalk komt onderaan, waardoor ik niet goed zie wat ik al geschreven heb. Ik vind niet hoe ik dat kan oplossen. De inspiratie is intussen veranderd in frustratie. Erg jammer!

 

Oké, na wisselen van browser, herstarten van de laptop met de nodige updates en wisselen naar mijn desktop, lijkt het gelukt te zijn. Eens zien of we die inspiratie nog kunnen terugvinden... Ik vrees dat het intussen meer een allegaartje zal zijn, de kern van wat ik wilde schrijven werd al overspoeld door andere ideeën die meer over mijn alledaagse bestaan gaan. Ach, we zien wel. CU on the other side!