vrijdag 28 augustus 2026

hier ben ik dan

 

Wat houdt me tegen om te komen schrijven? Allerlei excuses/ideeën. Dat ik niks spannends te vertellen heb, dat het niet speciaal genoeg is. Maar dat hoeft toch helemaal niet? Wat als ik hier op de blog eens schrijf zoals ik dat in mijn boekje doe? Gewoon op gevoel.

Eerste gevoel: mijn rug doet pijn. Ik heb hier nog geen goed plekje voor dit soort dingen. Nog geen goed plekje om te bloggen. Toch niet in mijn huisje (mijn caravan). Toch niet ’s avonds laat, wanneer het koud en nat is buiten. Neen, dat heb ik nog niet. Het is nog steeds kamperen, want niet alles is al ingericht. Ook niet alles is hier. Er zijn nog spullen / caravanonderdelen in België. Dat is zo. Zo simpel als dat.

Ik zit dus op een bank in mijn zithoek, met een rugkussen dat bij de andere bank hoort. En zonder tafel. En ik mis een kussentje om mijn onderrug te ondersteunen. Ik zou ook op mijn bed kunnen gaan zitten, warmer daar. Jawel, ik heb de chauffage aan vandaag. Eind augustus en ik ben aan het stoken! Tsja. Goed dat die airco van mij ook warmt. En als ie een hele dag aanstaat, raakt het wel aangenaam warm. Hehe.

Ik ben hier! Hier, op mijnen berg! Here to stay! Aquí para quedarme! Hoe cool is dat! Hoe zalig is dat! Hoe geweldig is dat! I’m doing it! Yes! Het begint wat tot me door te dringen. Ik ben hier nu vijf weken of zo, geen idee eigenlijk. Ik ben niet zo met tijd bezig hier. Alleszins heb ik me lang zwevend gevoeld tussen vakantie en wonen. En ik vond het geen fijn gevoel. Vakantie is leuk, maar zo voelde het niet. Hier wonen is wat ik wil, maar zo voelde het ook niet. Maar stilaan komt het.

Ik ging voor een weekendje (één nacht maar eigenlijk) naar de kust met enkele buren, en toen voelde het echt als vakantie. Met alles erop en eraan. Dan bedoel ik ‘niet moustache’. Tsja. Het deed wel deugd. En deze week is het weer wat we ‘slecht’ noemen. Lekker Belgisch. Van een straaltje zon naar een onweersbui naar wat wind en grijs naar regen naar hagel naar terug wat zon naar… Je kent dat wel. Alleszins heb ik zo’n gevoel dat dat weer me wat doet aankomen.

Of het feit dat ik nooit zo laat in augustus hier was. Ik was hier nooit zo laat. Ik hoorde altijd praten over het festival bij San Vitoiro, en hier zit ik. Thuis, omdat het te koud en nat is. Het festival bij San Vitoiro schijnt heel mooi te zijn, met een picknick en wat muziek. Maar picknicken in de regen…hmmm… Zoals buiten leven in de regen…

Ik leef graag buiten. Daarom ben ik hier. Of het is toch één van de redenen. Dus ik blijf (koppig) vasthouden aan dat buitenleven. Haha, ik vergat een t te typen, en dan krijg je buienleven. Hilarisch. Zo zijn mijn dagen inderdaad. Afwassen in stukjes, buiten, tussen de plensbuien door. Eindelijk dat gasvuur weer aan de praat krijgen en dan wanneer je eten bijna klaar is, alsnog vluchten naar de buurman omdat het weer begint te hagelen.

Dat het tijd is om mijn voortent te zetten. Ja, dat weet ik ook wel. Maar de palen zijn pas sinds vorig week dinsdag hier. En dan begon het te regenen (deze week) en in de regen ga je dat ding ook niet beginnen opzetten. Ik weet zelfs niet of we ze kunnen zetten. Zonder zij-ingang wordt het lastig. Want de tent zal tot tegen mijn ruïne komen. Mijn ruïne, ja. Voor de helft toch. Veel nieuwtjes natuurlijk. Ik ben nu voor de helft eigenaar. Chris is sinds vorige woensdag volledig eigenaar van véél grond en een huis in ruïneuze staat. Niet extreem ruïneus, maar alleszins een krot, zoals wij dat zeggen.

Mijn caravan staat. Het was een serieuze onderneming om hem hier te krijgen. Er kwam een ongeluk aan te pas, met gelukkig beperkte schade. En 600 meter voor Penadexo kwam hij ook nog vast te zitten. Dan maar laten staan tot de dag nadien…jawel, dat kan hier gewoon! Gewoon aan Jan laten weten dat hij niet zoals gebruikelijk langs boven kon rijden, en klaar! Gebruikelijk…mijn woordenschat is al stevig aan het verhollandsen. Woorden als best en gekkerd zijn al deel van mijn woordenschat aan het worden. Damn. Ach ja, niet onlogisch als je tussen de Nederlanders gaat wonen.

De caravan op mijn perceel zetten, duurde ongeveer 45 minuten. En hem dan nog waterpas krijgen…een drietal uren of zo… Een hele constructie met treinbielzen en stenen (hoe kan het ook anders, hier). Ik ben er nog altijd niet helemaal gerust in. Het heeft al stevig gewaaid, maar om nu te zeggen dat we al storm hadden, dat is misschien wat overdreven. Afwachten…Alles komt altijd goed. Nah.

In ieder geval, ik had veel ideeën over waar de caravan definitief zou komen. Maar nu hij eenmaal staat, eigenlijk voorlopig, vind ik het goed genoeg. Het geeft me veel lichaamsbeweging alleszins. Want de ingang wijst naar de ruïne, maar ik kijk graag naar mijn bos. Dus mijn tafeltjes en stoelen staan aan de andere kant. Dat betekent telkens vele malen over en weer wanneer ik ga koken, of lezen, of schrijven, of eigenlijk eender wat ga doen. Gezond!

Gezond! Ik heb hier geen weegschaal ter beschikking, dus qua lichaamsgewicht heb ik geen idee. Ik weet dat ik hier gezonder leef dan in België. Ik heb hier niet de gewoonte van chips te eten (behalve nu – de zak kocht ik vorige week dinsdag en open ik nu pas), noch diepvriespizza of andere ongezonde dingen. Ik drink hier nog iets te regelmatig alcohol, maar ook dat zal wel verminderen. Daar geloof ik in.

In ieder geval leef ik hier nog gezonder dan in België. En misschien ben ik dus nog afgevallen. Wat ik overigens (lekker Hollands) niet wil. Maar het zou kunnen. ’t Is niet dat ik niet eet hé. Wie me kent, wéét dat ik eet. Zelfs hier in ’t dorp sta ik al bekend als degene die véél eet. “Si, pero Fie, tu comes muuuucho!”.

Ik ben dus stilaan aangekomen. In Galicia. Op mijn berg. Met lekker Belgisch klimaat, waar ik voor kies. Ik kies ervoor om hier te zijn. Ik kies voor dit rustiger leven. Leven op gevoel. Rustiger, maar soms ook moeilijk. Trager, vertragend. Daar kies ik voor. Dat is de basis. Ik typ het hier nu omdat ik enkele dagen geleden merkte dat ik dat stukje precies even vergeten was. Ik kies hiervoor. Ik ben hier omdat ik hier wil zijn. Dit is wat ik wil. En de basis is dat niks moet. Niks moet. Mañana. Vandaag niet, dan morgen. Iets niet in orde, mijn eigen schuld, mijn eigen keuze. Ik kan ervoor kiezen om het te veranderen of om het te aanvaarden in dat moment. Zalig toch!

Salsa dansen begin ik wel wat te missen. Dus nam ik initiatief: ik stuurde een sms naar een dansleraar en een dansschool en ook mails naar vier dansscholen. Tot hiertoe zonder succes, zonder antwoord. Ik wil namelijk geen lessen gaan volgen. Los van het feit dat ik dat niet zo zinvol vind, zijn die lessen ook allemaal ver rijden. Ik wil gewoon ‘socials’, zoals we dat in België en Nederland kennen. En dat is niet evident in Galicia, met die Spaanse tijd.

Tot hiertoe vond ik vooral discotheken. Discotheken met workshops salsa of bachata of… Die workshops die starten dan om middernacht, of later. Ah ja, de Spanjaarden eten (heel) laat, en discotheken in België openen eigenlijk ook pas laat. ’t Is dat ik geen discotheekganger meer ben. Vandaag kwam ik ook twee evenementen tegen. Wat wij “feestjes” zouden noemen. Weliswaar met workshops vooraf (betalend). Die dingen starten dan om 17 uur en eindigen om 22 uur. Zodat je nadien kan gaan eten hé. Uhu.

Niet dat ik zoveel last heb van die Spaanse tijden qua eten. De eerste dagen stond ik nog vroeg op, maar na een drietal dagen was dat voorbij. Ik word wel wakker, maar sta meestal pas op na 9 uur. Ontbijten doe ik niet, al eet ik soms al íets rond 11 uur. Lunch is tussen 14 en 16 uur, zoals de Spanjaarden dat doen. En avondeten hangt er wat van af. Soms al om 19 uur, soms pas om 22 uur. Alles op gevoel, dus.

Eergisteren stond ik voor het eerst met een wekker op. Deed dat pijn! Het was nodig dat ik bij het postkantoor in Pobra ging vertellen dat ik hier woonde. Want áls de postbode ooit naar boven zou komen, zou hij dat niet weten. Alleszins komt de postbode meestal niet de berg op. Bij het woord “Penadexo”, kreeg ik meteen twee enveloppen in mijn hand geduwd: “Dit is post voor Penadexo”. Het postkantoor is echter enkel open van 9 tot 10, dus dan kon opstaan na 9 uur niet.

Registreren of niet? Dat is een vraag die me nu te binnen schiet. Omdat ik dinsdag niet alleen naar het postkantoor reed. Ben je gek? Naar beneden rijden betekent altijd combineren: afval meenemen, boodschapjes doen, pakjes ophalen,… Dinsdag ging ik de factuur van de notaris betalen. Frank heeft dan woensdag de akte opgehaald om de nodige stempels nog te laten zetten bij het landregister.

En nu rest nog de vraag: registreren of niet? Het is niet verplicht. Dat bleef de notaris herhalen. Als je het doet, betaal je belastingen (grondlasten). Heeft het voordelen? Awel, ik weet het nog altijd niet. Zowel Frank als de notaris raden aan om percelen met gebouwen op, wel te registreren. In mijn geval dus perceel 95. In het geval van Chris zijn huis. Niet de 17 andere gronden die hij kocht.

Hoeveel die belasting bedraagt? Geen idee. Veel kan het niet zijn. Niet zoals in België. Maandag krijg ik mijn laatste loon. (Ooit?) Meer dan de helft daarvan (ik weet niet welk percentage, 60 %, 70 %?), gaat naar de belastingdienst. Want de grondlasten van het huis in Berchem (dat dat verkocht werd) en mijn appartement, zijn intussen ook toegekomen. Damn. Bittere pil. Maar ja, dan weer een jaar gerust, zullen we maar denken!

Gerust…geen idee. Op een gegeven moment gaan mijn huurders wel eens weggaan. En dan zijn er kosten te maken, werken te doen. Dus naar België. En zo snel mogelijk afhandelen. Want op dat moment is het zelf de lening afbetalen, in plaats van huurders die dat voor hun rekening nemen. Maar ik heb dan wel een plaats om te logeren, in ’t Stad! Weliswaar ook contracten af te sluiten voor gas, elektriciteit, water,… Maar ja.

Hier ook trouwens. Gasfles(sen) kopen = contract afsluiten. Zó irritant. Vooral als je weet dat niemand van mijn buren een contract heeft. Nieuwe wetgeving of zoiets. Beetje minder onder de radar dan gewenst. Ach ja. Alles is goed. Ik zit op mijnen berg! Hier wil ik zijn! Met alle uitdagingen.

Alle uitdagingen, zoals de koeien van O Busto. De koeien die altijd maar vrij ronddwalen. Dus ook in ons dorp. En dat willen we niet, want ze lopen in de moestuin en vreten aan onze geplante groentjes. En aan onze fruitbomen. Momenteel heb ik peren en druiven uit eigen dorp. Leuk toch! De bramen zijn al voorbij.

Alles komt hier wat vroeger dan in België. Bramen zijn op hun best begin augustus. Druiven zijn er sinds een week, dat is ook vroeger dan wat ik me herinner van bij mijn grootouders. Die kwamen in september, uit de serre. De koeien dus, ik heb er toch een beetje schrik van. Soms kom ik ze tegen wanneer ik ga lopen. Dan weet ik het even niet goed… En ze zijn ook al twee keer op mijn perceel gelopen wanneer ze uit ons dorp gejaagd worden. Langs mijn auto en mijn caravan.

Voor de duidelijkheid, het zijn geen ‘gewone’ witte koeien met vlekken. Het is een ras met hoorns. Dus nogal indrukwekkende beesten. Die ook wel schade zouden kunnen veroorzaken aan voertuigen. En aan mensen. Soms lopen ze in het bos. Te weten dat daar mijn toilet is. Jawel, mijn toilet. Zijnde: hurken en gaan. Ook in de regen. Valt eigenlijk best mee. (Best, daar heb je het weer.) En ik ga ook regelmatig bij Jan. Soms bij Marnix. En af en toe in het zwijnenhuis. Al is dat al wat verder lopen.

Op weg naar het zwijnenhuis laatst een gigantische pad tegen gekomen. Cool beest, zo groot. Verder nog niet zoveel gezien qua dieren. Wel twee eekhoorns, de eerste week dat ik hier was. Vlakbij waar ik woon. Maar ik denk dat ze verhuisd zijn. Jammer! Alleszins was het de eerste keer dat ik ardillas zag hier. Ik was al in de overtuiging dat er geen waren. Maar dus wel!

De avond dat we toekwamen, liep er ook een vos over de weg op weg naar boven. Maar nog geen zwijnen of herten gezien, buiten op mijn wildcamera. Jawel, ik heb voor het eerst een hertje (ree) vastgelegd op mijn wildcamera! Geweldig moment! Iets waar ik al lang van droomde.

En natuurlijk zag ik ook de 100 % eclips hier. Ook een topmoment! Als ik er graag nog eens één zie, kan ik in april naar het zuiden afreizen. Dan is er weer eentje, die zelfs 6 minuten zal duren (de totale)! A ver, a ver… Wat nog qua “wildlife”? Spinnen. Ik ben echt chique bezig qua spinnen. Van volle paniek bij een hooiwagen naar “laat maar zitten”. En ik zette een kruisspin uit mijn huis. En de tweede kruisspin die hier woont, is heel goed in doen alsof ze dood is, waardoor ik ze al twee keer vergat buiten te zetten. Om dan later te ontdekken dat ze weer weg is…

Maar ik word er dus beter in. Moet ook wel, hier. Ik word nog een echte, zeg ik dan, in mijn Belgisch. Toegegeven, echt grote exemplaren heb ik nog niet gehad in huis. Daar zal ik nog niet held genoeg voor zijn. Alhoewel, in de tuinbak zaten/zitten er grote. En met veel moed heb ik bij de derde poging toch de nodige spullen eruit gehaald. En ze dan enkele uren laten liggen zodat die ene spin die er mee uit gekomen was, een nieuwe plek kon zoeken. Maar toch, goed bezig! Indrukwekkend! In de tuinbak zat overigens ook een heel grote naaktslak. Nooit zo’n grote naaktslak gezien.

Ook nog in de dierensectie: Ik heb coole beelden van een groene sprinkhaan die op mijn knie zat. Ik wandelde vrijdag naar Teixeira en zat daar wat druifjes te snacken op het bruggetje. Op het moment dat ik uitmaak dat ik effectief een kikkertje op een steen zie in het water, wil ik mijn gsm nemen en zie ik iets groen op mijn broek zitten. Die heeft daar toch zeker tien minuten gezeten. Leuke filmpjes en foto’s kunnen maken. Indrukwekkend wat zo’n gsm tegenwoordig kan!

En óók nog in de dierensectie: er zijn nieuwe kittens in het dorp! Niet dat we daar zo blij mee zijn, maar het is wel gebeurd. Ook niet dat we ze al gezien hebben of dat we überphaupt weten waar ze zitten. Maar Ananoushka was overduidelijk zwanger en nu niet meer. Van de vorige nest (van drie), loopt er hier nog één kitten rond. En sinds de mama hoogzwanger was en geen tijd meer voor haar had, is ze wat socialer geworden. Ze komt al eens knuffelen en ronkt heel graag.

Oké, ik kan nog heel veel andere dingen vertellen, maar ik ben het wat beu. Mijn rug vindt deze positie maar niks. Ik vind het lawaai van de airco maar niks. Dus misschien stilaan tijd om naar bed te gaan met mijn boek. Een goed boek. Vandaag veel gelezen. Wat doe je anders, met zo’n weer? (Puzzelen, kleuren,…) Een goed boek uit de bib van Pobra.

Die bib waar je twee boeken mag meenemen voor twee weken. (Oké, toch nog even verder vertellen, blijkbaar.) Dat is wat anders dan de 20 materialen voor 6 weken met mogelijkheid om 3 weken te verlengen. Maar hier krijg je dan een conversatie die zo gaat: -2 boeken voor 2 weken, juist? -Ja, maar kom maar terug wanneer het jou past, ik noteer je telefoonnummer en bel wel als we het boek nodig hebben.

Ze vinden dat telefoonnummer dan wel altijd wat raar. Ik heb nog geen Spaans nummer. Ik zit erover te denken. Om meer data te hebben ook. Nu ben ik heel voorzichtig in internet gebruiken. Maar ik ben er nog niet uit hoe ik dat dan doe qua telefoons. Ik heb mijn oude gsm hier, want die gebruik ik om muziek te spelen in de auto. Maar om nu daar een Spaanse sim in te steken waarop ik gebeld kan worden…Ik weet het (nog) niet…

Over mijn auto gesproken: die gaf afgelopen week een oranje lichtje. Rood = stoppen, leerde mijn papa mij. In het boekje is de verklaring voor het lichtje: rood is stoppen, oranje is voorzichtig naar een garage rijden. Uhu. Intussen zette ik er alweer 50 kilometers bij op, maar ik ben dus van plan om morgen (vandaag…) naar een mecanicien in Monforte te rijden. Ik denk dat het een lampje is dat begint te branden voor onderhoud. En ik denk in alle eerlijkheid dat dat onderhoud niet nodig is. Maar ik zal het maar gewoon doen. Want mijn auto deed het goed, maar in dit nattere weer wordt het toch al meteen wat spannender. Eergisteren geraakte ik al bijna niet weg van mijn eigen perceel (bergop met natte ondergrond). Fantaseren over een auto op Spaans kenteken (lekker Hollands, die uitspraak), met vierwielaandrijving. Wie weet. Quién sabe. A saber.