Dit bericht typ ik op zaterdagavond 9 juli. Wanneer het online komt, weet ik nog
niet. Mogelijk morgen, of op een andere
dag. Vanavond alvast niet, aangezien we
ergens verblijven 50 jaar terug in de tijd, of zoiets. Zo noemt Chris het alleszins. Hij kan maar niet begrijpen dat hier geen
wifi is. Sterker nog, hier is zelfs geen
ontvangst met de gsm!
Dat signaal viel weg ongeveer een uur rijden van hier. Gedaan met rijden op gps via de gsm! Gelukkig hebben we een wagen ver boven onze
verwachtingen, mét ingebouwde gps. Een
wagen met maar 8 000 kilometer op de teller, cruise control, airco, dak
dat open kan, en nog wel wat dingen die we nog zullen ontdekken! Het is een Buick Encore, mooie “free
upgrade”, wetende dat we normaal een Ford Fiesta zouden hebben.
Soite, ik wil veel vertellen, daarom dat ik met de laptop op
schoot in de sofa ben gekropen. Ik kon
er ook voor kiezen een film te zien, maar blijkbaar heb ik daar weinig behoefte
aan. Positief vind ik dat. Er zijn wel meer positieve dingen aan deze
reis, al zeg ik het zelf! We doen moeite
om gezond te eten, ik tracht minder te roken, we drinken behoorlijk veel water
en bewegen uiteraard vele uren per dag.
Goed bezig!
Ja, dit wordt een ingewikkelde post. Want eigenlijk ben ik behoorlijk moe, dus
mijn gedachten zijn niet meer zo logisch geordend. Waarom ik niet ga slapen? Wel, omdat ik wacht op de ouderwetse
droogkast die nog maar een half uur geleden van start ging. En onze kledij kwam kletsnat uit de mogelijk
nog oudere wasmachine. Vandaar dat ik
het toch allemaal wat in het oog wil houden.
Chris is al ver in dromenland. Hij was ook heel moe. Reizen met Fie is dan ook uitputtend. Ik weet dat wel. Nochtans doe ik flink mijn best om hem op
tijd en stond te voorzien van zijn basisbehoeften. Ik let erop dat we tijdig eten, hoewel ik
niet altijd in die missie slaag. Maar we
zijn vrij goed bezig, vind ik. Ik vind
precies echt dat we goed bezig zijn, amai.
Laat ik proberen wat meer te vertellen over onze avonturen hier, want
dat heb ik nog niet gedaan, en ik zit al bijna een pagina ver (in Word).
Woensdagavond begon ons treinavontuur. VIA Rail is niet zo verschillend van onze
NMBS, zo bleek al snel. De trein vertrok
met vertraging, maar die werd laattijdig aangekondigd. De economy class viel behoorlijk mee:
redelijk wat beenruimte, een tafeltje, een stoel waarvan de rugleuning naar
beneden kon zonder dat de achterbuur er last van had. Wat ons helaas meteen opviel toen we op de
trein stapten en een plaats toegewezen kregen, was een zeer onaangename
doordringende geur. Al snel wisten we
dat het een lichaamsgeur was, en na ongeveer een uur hadden we ook door van
waar die kwam. We zaten in een treinstel
waarin ook een gemeenschap Amish zat.
Helaas hadden deze mensen een verschrikkelijke lijfgeur. We trachtten ons er niet te veel op te
focussen, de rit zou zo al lang genoeg duren.
De eerste rookstop (een halte waar de trein 10 minuten stil
bleef stan) kwam er toen we al een viertal uren onderweg waren. Wat een
shock! We kwamen van een hete 30 graden
in Montréal terecht in een winderige 15 graden (met moeite). Bij de volgende haltes trok ik een extra
truitje aan. Weliswaar een dunne trui,
want dat had ik niet verwacht.
Ja, het was een lange treinrit. Wetende dat ik niet slaap op vervoersmiddelen,
maakte het er niet aangenamer op. Ik heb
mezelf verplicht om tussen middernacht en 4:00 mijn ogen zoveel mogelijk te
sluiten. Af en toe was ik misschien voor
een kwartiertje in slaap, maar dan deed mijn nek verschrikkelijk veel pijn
wanneer ik terug wakker was. Eens ik zag
dat de zon ging opkomen, heb ik terug naar buiten gekeken.
Na 18 uren op de trein had ik het gevoel van “dit valt
eigenlijk wel mee”. Het leek vlot te
gaan, ik kon mezelf wel bezig houden.
Echter, een uur later begon het irritante gevoel van “are we there
yet?”, en dat is niet weg gegaan tot we omstreeks 19:00 donderdagavond
toekwamen in Halifax. En ik voelde me
behoorlijk ‘reisziek’. Ik leek niet op
de vaste grond te staan, alles rondom mij leek te bewegen, inclusief ikzelf,
zelfs wanneer ik stil zat. Dat gevoel
heb ik ook wanneer ik lang gevlogen heb, maar blijkbaar kan het na een dag
treinreizen ook.
Toch nog even wat anekdotes van op de trein, als je nog niet
afgehaakt bent. Dat mag hoor; ik schrijf
dit ook voor mezelf, herinneringen verzamelen en bewaren! “…because shoes are your friends.” Vrij grappige aankondiging, waarin gevraagd
werd om je in de trein te bewegen met schoenen aan je voeten. Ook wel wat vreemd, eigenlijk.
Een rokende medereiziger bleek uit Zwitserland te
komen. We praatten tijdens de
rookpauzes, en volgden samen de voetbalmatch die Frankrijk won. Zij gelukkig, want ze had 7 jaar in Frankrijk
gewoond en had zelfs de Franse nationaliteit, naast de Zwitserse. En dan was er nog die zwijgzame oude man
naast ons. Pas toen de trein de
eindhalte bereikte, praatte hij voor het eerst in die 24 uren. Hij was al 7 uren langer onderweg dan ons en
had nog 2 uren in de auto te gaan. Hij
ging naar de begrafenis van zijn zus. De
kinderen van de Amish waren overigens ook zeer schattig om zien. Achter ons was er een meisje dat heel
gemakkelijk sliep en zelfs zachtjes snurkte.
In ieder geval, ik zal eens verder gaan, want anders krijg
ik dat hier nooit af. Halifax was veel
aangenamer dan Montréal! Hele leuke
huizen in mooie lanen, en wij verbleven in een deel van zo’n huis. We hadden maar één dag om de belangrijkste
bezienswaardigheden te bezoeken, en dat lukte vrij goed. Volgens Chris stond ik wel in turbo, en was
dat er wat over. Ik vond het heus wel mee
vallen, hehe.
We wandelden gisteren langs het kerkhof waar een veertigtal
mensen begraven liggen die omkwamen bij de ramp met de Titanic, de citadel (we
gingen niet binnen, dat vonden we te kostelijk), de historische gebouwen
(oudste gebouwen van de stad), het stadhuis, enkele religieuze plaatsen, de
haven en de overdekte markt. We pikten
ook Chris zijn rijbewijs op! Zo gelukkig
waren we met dat pakje! Met extra dank
aan Jens!
Ons laatste bezoek was dat aan Pier 21. Dat was echt de moeite! Er liep een tijdelijke tentoonstelling over Empress of Ireland.
Dat schip zonk in 1914, waarbij een duizendtal mensen het leven
lieten. Eigenlijk was die ramp erg
vergelijkbaar met het zinken van de Titanic twee jaar eerder. Doch, weinigen kennen het verhaal, en dat
heeft blijkbaar twee redenen: kort nadat het schip zonk begon de Eerste
Wereldoorlog en over de Titanic werden tientallen films gemaakt waardoor die
ramp meer aandacht kreeg.
De rest van het museum was minstens even interessant. Pier 21 is de plaats waar tienduizenden
migranten Canada zijn binnen gekomen.
Het museum brengt hun verhalen en houdt op die manier de herinnering
levend. We zagen een film over migratie
in het heden en volgden een korte rondleiding met een gids. Die gids vertelde zeer boeiende anekdotes,
zoals dat velen kwamen met een lege koffer om er niet arm uit te zien, dat er
ooit een vissersboot is toegekomen uit Zweden met 248 passagiers terwijl de
boot slechts voor 40 mensen plaats had, dat hij al veel mensen ontmoette die zelf
langs Pier 21 het land binnen kwamen,…
Echt allemaal heel boeiend, een aanrader!
Gisterenavond waren we vrij moe, maar…Fie wilde gaan
dansen! Dus dat deden we ook! Ik vond via ‘my friend’ (Google, niet mijn
shoes) een feestje dat begon om 21:30 en drie uur later zou eindigen. Dat klonk ideaal voor een stel vermoeide
toeristen als wij. Het was een toffe
avond. We dansten met verschillende
mensen, de DJ draaide enkel goede salsa met tussendoor bachata, ik kreeg
verschillende complimenten over hoe goed ik danste. Tof, tof!
Extra anekdote: ik danste met een Italiaanse man die ooit Canada binnen
kwam via…jawel, Pier 21!
Vanmorgen pakten we onze koffers vooraleer we richting het
autoverhuurbedrijf gingen. We gingen
ervan uit dat we binnen het uur zouden terug zijn, met auto. Dan zouden we nog net genoeg tijd hebben om
rustig de auto in te laden en richting het provinciale park te rijden waar we
vandaag wilden wandelen.
Echter, toegekomen in het station, waar het kantoor van de
autohuur was, zagen we onmiddellijk dat dat wel even zou kunnen duren. En inderdaad, pas een dik uur later konden we
eindelijk vertrekken met de wagen.
Intussen de eigenaars van de Airbnb al was pusherig aan het chatten,
want we waren te laat terug. Zeer snel
alles bijeen gepakt en vertrokken! Vrij
hectisch, niet zo leuk... Lunchen deden
we ergens op een parking naast een drukke weg.
Ik kaas met tomaat-basilicum smaak en wat crackers, Chris een slaatje.
In Taylor Head Park kwamen we pas toe na 15:00. We hadden allebei een stukje gereden, om de
wagen wat te leren kennen. We kozen voor
een wandeling van een viertal kilometer, omdat we niet zo gek veel tijd hadden
vooraleer Chris zijn lichaam om avondeten zou vragen. Het was een heel aangename wandeling, wel wat
modderig, want het weer zit hier toch niet mee.
Niet wat ik verwacht had, om eerlijk te zijn. Ook nu zit ik trouwens met een fleecetrui en
een deken in de zetel.
Toch heb ik tijdens de wandeling veel kledingwissels
gedaan. Ik begon met een topje, trui,
sjaal en jas. Al snel verdwenen de jas
en sjaal. Even later ook de trui. Nog wat later weer de sjaal aan. Dan weer de trui aan. Weer iets uit, en weer aan…lastig. Onderweg wandelden we door bos en langs de
zee. Ik vond al veel mooie schelpen en
stenen. Ik hield mezelf in (want
eigenlijk is het verboden om die dingen mee te nemen) en nam enkel een stukje
kwarts mee.
Buiten vogels, eekhoorns en insecten hebben we nog geen
dieren gespot. Ook nog geen bijzondere
soorten gezien. We zagen overwegend
typische zeevogels (vooral meeuwen). Eén
klein vogeltje hebben we kunnen fotograferen, eentje met een gele borst. Ik had gelukkig Off mee (oh ja, hier verkopen
ze dat!), want ik vond dat er toch wat veel insecten rond mijn oren
vlogen. Eens ik mezelf had bespoten met
het product, viel het allemaal wel mee. Intussen heb ik overigens een douche
genomen en merk ik dat er hier binnen toch ook wel wat bijtende beestjes
zitten. Tja. Dat hoort erbij, geloof ik.
Om avondeten te kopen was het al iets te laat daarstraks,
blijkbaar. Na Montréal en Halifax, waar
er grote supermarkten zijn die ALTIJD open zijn, was het even schrikken dat de
supermarkt hier al sloot om 18:00. We
vonden enkel een klein winkeltje waar ze zeer weinig verkochten. Een beetje zoals een nachtwinkel bij ons,
eigenlijk. We kochten twee blikken soep
en wat toastbrood, en hadden toch een simpele maaltijd! We doen dat hier goed; nogmaals!
Zo, dat zijn al drie pagina’s vol in Word. Wow!
En dan heb ik nog niet verteld over de culturele verschillen. Want die zijn er wel degelijk! Om te beginnen, ik hou wel van de Canadese
mentaliteit! Er lijkt heel veel
verdraagzaamheid en openheid te zijn, en dat vind ik gewoon super! Er is een grote diversiteit, zoals in
Antwerpen, en ook dat vind ik geweldig.
Tot hiertoe is iedereen altijd zeer vriendelijk en de meesten lijken
oprecht geïnteresseerd in wie we zijn en wat we hier komen doen. De mensen zijn behoorlijk sociaal, ze maken
gemakkelijk een praatje en hebben daar ook tijd voor. Aan de kassa van de supermarkt bijvoorbeeld,
zie je niemand zenuwachtig worden omdat de persoon die aan de beurt is rustig
een babbeltje slaat met de kassier.
Zelfs wij worden er niet nerveus van, want wij zijn met vakantie!
De grootste cultuurshock voor ons is toch wel de mentaliteit
op de weg. Voetgangers hebben voorrang,
en daar gaan de chauffeurs van gemotoriseerde voertuigen ver in. Als ze je nog maar zien komen, staan ze al
stil om je over te laten. En iedereen
vindt dat gewoon normaal. Wij hebben
vaak gedacht (als we te voet waren): “amai, wij zouden hier toch gewoon door
rijden, er is toch nog een zee van tijd voor die voetganger bij die auto
komt”. Maar blijkbaar hebben de mensen
hier echt tijd. Niemand toetert omdat
een ander te lang wacht voor een voetganger die misschien niet eens gaat
oversteken (want dat gebeurt wel eens met toeristen zoals wij).
Nog een verschil zijn de bussen. In Halifax namen we verscheidene keren een
bus. De chauffeurs stoppen altijd als er
volk aan een halte staat, zelfs als die mensen niet mee hoeven met die
bus. Je hoeft de bus dus niet tegen te
houden, die stopt wel voor jou. Betalen
kan wel enkel gepast, dat is even wennen.
Tot slot zijn er kruispunten waar er op elke hoek een
stopbord staat. Onder die borden staat
iets van “4-way stop”. Dat hebben we
even geobserveerd vooraleer we zelf aan ons autoavontuur begonnen. Het gaat zo: je stopt aan dat stopbord en je
laat minstens één iemand anders passeren.
Dan rijd je rustig verder en je vertrouwt erop dat de anderen
wachten. En dat gebeurt gewoon! Wat een hoffelijkheid seg! Echt zot!
En met die woorden, meer dan een uur aan het typen, ga ik
dit afronden. Een veel te lange post,
maar gisterenavond had ik er geen fut meer voor na onze geweldige
dansavond. En nu was het toch wachten op
die droogkast. Ik vrees overigens dat
onze kledij nog niet droog zal zijn.
Trouwens, morgen rijden we verder naar Baddeck, om overmorgen te starten
aan de Cabot Trail. Daar kijk ik toch
echt naar uit, ik heb er hoge verwachtingen van! En ik geloof dat ze zullen
ingelost worden! Het zou alleen wat
warmer mogen zijn…
1 opmerking:
Ik lig hier languit in mijn zetel te genieten van je post. Fie is nog altijd op haar best als ze kan reizen!
Groetjes,
Marc
Een reactie posten