woensdag 19 september 2007

Verslag Brussel (zondag)


Zondagmorgen gaan we genieten van het ontbijtbuffet en nadien beginnen we aan een gevulde dag. Het eerste op de agenda is een wandeling naar en door de Marollen (waar we gisterenavond ook al waren). De eerste halte wordt het Vossenplein, waar het dagelijks vlooienmarkt is van 7:00 tot 14:00. Ik vind het gezellig rond te snuffelen tussen al deze ‘rommel’ (volgens Vincent).

Na een uurtje gaan we naar het Poelaertplein, waar we kunnen genieten van een panoramisch uitzicht over de stad. De Zuidertoren steekt pal boven de andere gebouwen uit. Het doet me denken aan de Tour Montparnasse in Parijs…

We speuren de horizon af en zien in de verte ook het Atomium. Mijn fototoestel is natuurlijk klaar om dit expo-erfgoed op beeld te zetten, net als ik! Dit mooie kunstwerk mag ik echter niet op internet tonen, omdat het auteursrechtelijk beschermd is (tot mijn grote spijt, want ik wil niemand mijn ‘prachtige’ foto’s ontzeggen).

We wandelen verder naar de Kerk van de Zavel. Deze kerk is onderworpen aan een renovatie, maar het resultaat zal dan ook prachtig worden! Dit weet ik omdat het grootste deel van de kerk al vernieuwd is. Hopelijk wordt onze Grote Kerk (Sint-Gummaruskerk) in Lier ook zo mooi wanneer ze binnen enkele jaren volledig gerenoveerd is.

Als kind wilde ik alle kerken binnengaan (hoewel ik niet gelovig ben) en deze traditie houd ik mooi in ere! Wanneer we de Onze-Lieve-Vrouw-ter-Zavelkerk betreden, blijkt dat er net een mis opzit, waardoor ik geen foto’s durf nemen. Soms denk ik dat het oneerbiedig is foto’s te nemen in een kerk, maar anderzijds zijn deze gebouwen soms magnifiek, gewoon té mooi om niet te tonen aan anderen. Uiteindelijk neemt Vincent enkele foto’s van de oogverblindende loodglasramen, terwijl ik de architectuur bewonder.

Ons (tweede) bezoek aan de Marollen beëindigen we met het nemen van enkele foto’s van La Chapelle (zonder binnenbezoek), en een warme drank op een (winderig) terras. Daarna gaan we op zoek naar een metrostation, voor een rit naar het Heizelplateau.

Lijn 1A brengt ons met een premetro tot de halte Heysel, onderweg zie ik het Atomium al van dichterbij! Het station Heizel imponeert me ook, de muren zijn beschilderd met allerlei betekenisvolle prenten. Vincent wil liever niet dat ik er foto’s van neem, dus ik besluit me (voorlopig) te bedwingen.

Zodra ik het station buitenkom, neem ik wél foto’s van het Atomium. Ik vind deze negen bollen eigenlijk mooier dan de ijzeren trots van Frankrijk. De Eiffeltoren mag dan wel véél hoger zijn, ik vind de structuur van het Atomium fantastisch! Tja, smaken verschillen, zelfs Vincent en ik kunnen het niet eens geraken over de schoonheid van beide gebouwen.

Na een fotosessie aan het Atomium, gaan we naar het Park van Laken, via het Ossegempark. Het zijn de eerste parken/tuinen die we bezoeken in Brussel en ze kunnen ons niet ontroeren. Dit is echt ‘peanuts’ vergeleken met andere grote steden zoals Londen en Parijs!

We wandelen rustig verder want ons volgende doel ligt in deze buurt. Ik wil graag het Chinees Paviljoen en de Japanse Toren zien. In deze gebouwen bevindt zich het museum van het Verre Oosten, maar het is eigenlijk de architectuur die ons lokt! Onderweg passeren we nog de Koninklijke Serres (we zien ze boven een muur uitsteken). Aangekomen bij ‘het Oosten’, beginnen we weg te dromen naar dat Oosten…hopelijk kunnen we daar ooit naartoe! Maar…back to reality! We bevinden ons nog steeds in België, want de hemel is grauw en het is niet bepaald warm.

Onze maag begint te knorren, het is al 14:30 en het laatste dat we aten was ons ontbijt om 9:30. We kiezen ervoor rustig terug te wandelen naar het Heyselstation en van daaruit een metro te nemen naar het centrum. Het plan is om in een restaurant in Rue des Bouchers te gaan eten.

Omstreeks 16:00 bevinden we ons in restaurant ‘Royal Safir’. Het was moeilijk kiezen binnen het overaanbod aan eetgelegenheden, dus kozen we op basis van prijsklasse. Dit is een vrij dure straat om iets te eten, we probeerden het goedkoopste eruit te halen. We nemen allebei een menu van 12 euro, die we zelf kunnen samenstellen.

Ik eet fondue au fromage / kaaskroketten (het is er slechts één) en gegrilde zalm (met een tomaatachtige saus). Vincent neemt een slaatje en mosselen. Als nagerecht krijgen we één bolletje ijs met wat slagroom en chocoladesaus.
We kozen voor het goedkoopste, en dat betaal je natuurlijk … de kwaliteit is niet fantastisch. Vooral de zalm is niet lekker, Vincent vindt hem zelfs ronduit slecht (hij proeft ervan wanneer ik er ‘genoeg’ van heb).

Na deze minder positieve ervaring besluiten we dat het niet goed is ergens centraal te gaan eten. Op vorige citytrips hebben we ook al mogen ervaren dat onze beste maaltijden altijd in een meer afgelegen buurt is. Even probeer ik deze vergelijking door te trekken naar onze woonplaats, Lier, maar daarvoor telt het niet (misschien is Lier daarvoor niet groot genoeg). Bij ons zijn er verschillende goede restaurants pal in het centrum.

’s Avonds houden we het bij een televisieavond, want zondagavond is
‘één’ – avond. Bij het begin van dit tv-seizoen was dat onmiddellijk duidelijk: Geert Hoste en het Jaar van de Hond, Willys en Marjetten, Witse en Het Eiland … wat wil een mens nog meer?

Geen opmerkingen: