woensdag 19 september 2007

Verslag Bali (tweede deel)


Maandag 2 april

8:00, de wekker laat zich horen. Ik heb het moeilijk met wakker worden. Na het ontbijt kiezen we een plaatsje aan het zwembad. We zijn hier al twee dagen, dus we vinden het stilletjes aan tijd om kennis te maken met de ontspannende facetten van het hotel. We leggen ons in de zon, rusten, dommelen in, worden weer wakker, zwemmen wat, en herhalen dit alles…vier uur lang. En dan…hebben we te lang in de zon gelegen! We zien rood, vuurrood!

Omstreeks 16:00 nemen we een taxi naar ‘The Discovery Mall’ in Kuta. We wandelen er wat rond en bekijken zorgvuldig wat we allemaal zouden kunnen kopen. Op een zeker moment begin ik me ziek te voelen. We beslissen iets te gaan drinken en ik bestel ook een fruitschotel. Na bijna een uur kan ik er terug tegen. Echter, een kwartier later voel ik me terug slecht. Uiteindelijk ben ik bijna brakend het winkelcentrum buitengegaan.

Terug in het hotel, voelt Vincent zich niet lekker. Hij heeft koude rillingen, dus we zetten de airco af. Blijkbaar hebben we allebei een halve zonneslag… Die avond bestellen we eten via roomservice: ik neem een pizza, Vincent een ‘Sanur Beach Burger’. Na een douche en een goede laag aftersun, kruipen we onder de lakens.

Dinsdag 3 april

Vannacht hebben we slecht geslapen, alles doet pijn van het verbranden. We gaan nog een dag niets doen, maar deze keer op het strand, onder de bomen. We spelen UNO, schrijven kaartjes voor het thuisfront en ik riskeer het in de zee te gaan. Christine van Oad had ons afgeraden in de zee te gaan zonder schoeisel. Toch doe ik het op blote voeten, want ik zie nog toeristen het doen. Ik neem kleine stappen, en voel telkens of het veilig is om mijn voet neer te zetten.

In de late namiddag, wanneer we al terug op de kamer zijn, zie ik dat er precies geen water meer in de zee staat. Mijn nieuwsgierigheid is meteen gewekt! Er ligt namelijk een koraalrif voor de kust van Sanur, en ik zou dit zo graag zien (zonder te moeten snorkelen)!
Ik maak Vincent wakker, hij is een dutje aan het doen. Ik vertel hem dat ik een strandwandeling ga maken (geen boodschap over een zee zonder water, want hij zou mij eens goed uitlachen). Hij zal mij later volgen zegt hij.

Wanneer ik bij de zee kom, blijkt dat deze inderdaad erg ver is teruggetrokken (zo ver als ik kan zien). Er ligt véél wier, en daartussen zitten zeeslangen… Dat is toch wat ik denk… Met mijn fototoestel in de hand, ga ik op zoek naar verschillende dieren. Als Vincent aankomt, laat ik hem de ‘slangen’ zien. Hij denkt dat het geen slangen zijn, maar een soort duizendpoten. Uiteindelijk zullen we het nooit weten, maar ik ga de zee niet meer in! Voor mij is dit wel een hoogtepunt in onze vakantie! Ik geniet met volle teugen: foto’s nemen van de dieren, op zoek gaan naar nog meer beesten…super!

’s Avonds eten we bij Bobby’s, vlak naast ons hotel. Ik neem vis in zoet zure saus, Vincent steak in pepersaus. Opnieuw zitten we vlak naast de zee, en weer is het eten zeer lekker. Enkele mannen komen aan onze tafel voor muziek zorgen. Dat maakt op reis gaan nog leuker voor mij!

Woensdag 4 april

Vandaag gaan we eindelijk onze eerste excursie doen! Het niets doen begint ons sterk te vervelen, daarom besluiten we Christine op te bellen om nog twee uitstappen vast te leggen: raften en West Bali. Voor we vandaag vertrekken, spelen we nog wat UNO (wat een verslavend spel!).

Om 16:00 pikt een busje ons op. Eerst rijden we naar Kuta, om nog vier mensen op te halen. Van daaruit gaat het verder naar de Uluwatu tempel. Onderweg worden we voorbereid: laat zonnebrillen, petten, horloges, armbanden, ringen, oorbellen, handtassen,… in de wagen. De apen die bij deze tempel wonen, zijn behoorlijk agressief. Ze hebben weinig te eten en stelen van toeristen. Vaak zijn ze daarvoor getraind. Als er iets gestolen wordt, zal er dikwijls iemand zijn die geld vraagt om het bij de apen terug te halen.

Tegen de tijd dat we arriveren, hebben we alles veilig opgeborgen. Ik neem toch mijn heuptasje mee, maar verstop dit onder de sarong die we dienen aan te doen. Al gauw hoor ik een krijsende vrouw, er zit een aap onder haar sarong!

De apen kijken geconcentreerd in het rond, ze zoeken constant naar dingen om te stelen. Ik heb de hele tijd mijn fototoestel in de hand, maar ben bang voor de apen. Voortdurend kijk ik om me heen, en als ik iets zie bewegen spring ik angstvallig omhoog!


Ik blijf uiteindelijk gespaard van een aanval, doch Vincent niet. Op een zeker moment hangt er een aap aan zijn flesje water! Onmiddellijk bijt het dier een gaatje in de fles, dus hebben we het water maar afgegeven aan het beest. Alertheid is de boodschap bij een bezoek aan de Uluwatu tempel! Nu, de tempel zelf: we vinden de architectuur niet overweldigend, maar de ligging is prachtig! Er is een 70 meter hoge klip, beneden klotst het zeewater tegen de rotsen.

Tegen 18:00 begeven we ons naar het theater dat bij de tempel hoort, voor een voorstelling van de Kecak dans, ook wel de apendans genoemd. Voor aanvang krijgen we een papier met het verhaal op, anders zouden we niet begrijpen waarover het gaat (hoewel het nu nog moeilijk is). Geïnteresseerden kunnen het verhaal in de volgende publicatie lezen (ik heb het een beetje hertypt, want er stonden veel fouten in). In het begin vind ik de voorstelling nogal saai, maar het einde is erg amusant. Foto’s nemen lukt spijtig genoeg niet goed, omdat de avond snel valt en de flits van mijn fototoestel niet ver genoeg reikt.

De avond eindigt met een diner in een restaurant gelegen in een nog niet afgewerkt park. Eerst wandelen we door het donkere park, dat waarschijnlijk erg knap zal worden. Dit is echter niet voor de nabije toekomst. In principe moest alles al gereed zijn, maar wegens geldgebrek liggen de werken stil. Het eten is weer voortreffelijk, en we vinden het leuk een babbel te kunnen doen met andere toeristen.

Geen opmerkingen: